Elfjarige schrijft reisdagboek
Elfjarige schrijft reisdagboek
Co den Tex was elf jaar oud toen hij met zijn ouders, zijn broer Jan, zijn drie zusjes en de kindermeid een reis door Midden-Europa maakte. Dat was in 1835, de reis ging met paard en wagen en duurde drie maanden. De vader die professor was, reisde om andere geleerden op te zoeken; het gezin zag onderweg van allerlei wat bezienswaardig en leerzaam was en verder maakten ze samen veel plezier. Co, het oudste kind, hield dat allemaal zorgvuldig bij in zijn reisdagboekje, in een handschrift waar hij kennelijk zijn best op heeft gedaan. Hij was een nieuwsgierig en bewegelijk kind dat opgroeide tot een nuchtere en ondernemende volwassene. Hij werd burgemeester van Amsterdam (1868-1879) in een dynamische tijd waarin zowel zijn tomeloze energie als zijn kennis van Europa goed van pas kwamen.
De vondst van Ursula den Tex
Als achterkleindochter van de burgemeester kreeg ik op mijn elfde van mijn vader dit reisdagboekje cadeau. Maar pas een jaar of veertig later ben ik het gaan lezen. En bleek ik vatbaar voor de aantrekkingkracht van oude papieren, die verder leidt naar archiefonderzoek en van het ene archief naar het andere. Uit het schoolse, van iedere fantasie gespeende verslag van de elfjarige kwam een negentiende-eeuwse familie voor mij tot leven. Sindsdien ben ik het spoor van deze overgrootvader blijven volgen; het werd een ontdekkingsreis door de negentiende eeuw heen naar het heden. Onderweg ontvouwde zich een verhaal over ouders en kinderen, over paarden, pistolen en politici; ik kreeg zicht op wat door de generaties heen het liberalisme betekende, de invloed van geld en de geleidelijk veranderende verhouding tot ‘het volk’. Ik hoop het allemaal te zijner tijd te kunnen doorvertellen. Het genoegen van de reis is groot, maar het doel blijft een verhaal dat verder verteld wordt.
Tot zover
Het reisdagboekje berust nu in het familiearchief den Tex-Bondt in het Stadsarchief van Amsterdam. Uit dagboek en familiearchief putte ik voor een aantal publicaties waarin Den Texen een rol spelen. In Vrij Nederland dd 19 augustus 1989 over de reis in 1835: ‘Na vele fatigues vertrokken wij niet zonder kommer en kwel’. In Vrij Nederland dd 2 mei 1998 over het jaar 1848: ‘Een geheime vriendenkring met politieke doelen’. Over kolenmijnen en staalindustrie in De Negentiende Eeuw dd 3 september 2003: ‘Van Braams bevlieging. Nederlanders investeren in het Ruhrgebied 1850-1880’.
Ursula den Tex
Dagboek van een reis door Midden-Europa, archief familie Den Tex, 1835