Meer weten?
|
Een leprozenhuis in Amsterdam Het Amsterdamse Leprozenhuis is links te zien, omcirkeld in het rood. Het ligt buiten de St. Anthoniepoort (op de plek waar nu het Mr. Visserplein is), dus net buiten de stad. In de tijd dat lepra (in Nederland) heerste wist men nog maar weinig van besmettingsprincipes. De reden dat lepralijders buiten de stad moesten wonen heeft dan ook minder te maken met isolatie vanuit medisch oogpunt dan met verstoting uit de samenleving, volgens het bijbelse voorschrift ‘Zolang hij de plaag heeft, blijft hij onrein (…). Afgezonderd zal hij wonen’. |
|
Het gezicht van een lepralijder Dit gezicht vertoont typische leprakenmerken. Het aangezicht is verlamd, waardoor het er uitdrukkingsloos uitziet. De verlamming zorgt er ook voor dat de ogen niet gesloten kunnen worden, waardoor ze makkelijk beschadigd en ontstoken raken, wat soms tot blindheid leidt. Doordat het neustussenschot is aangetast is de neus ingevallen. De huid is knobbelig. Het gezichtshaar is uitgevallen. Het plaatje hiernaast wordt uiteindelijk vervangen door de kop in het AMC. |
![]() Wasafgietsel van het gezicht van een 24-jarige man met lepra AMC Amsterdam, afd. Dermatologie |
|
De laatste leprozenoptocht De Amsterdamse leprozen mochten niet in de stad komen, behalve op zgn. Koppermaandag en de dag erna. De leprozen trokken dan in een optocht van sleden naar de Dam en er werd geld ingezameld voor het Leprozenhuis. Op maandag kregen ze een maaltijd in het St. Pietersgasthuis, de dag erna aten ze in het Burgerweeshuis. |
![]() Meer weten? |
![]() Een leprozenklepper of ‘klikspaan’ Amsterdams Historisch Museum |
Een 'klikspaan' Leprozen werden beschouwd als onrein. Ze moesten daarom herkenbare kleding dragen, aangetaste lichaamsdelen bedekt houden. Lepralijders mochten geen smalle straatjes in, omdat ze dan te dicht bij een gezonde konden komen. Hieraan herinnert het liedje ‘klikspaan, boterspaan, mag niet door m’n straatje gaan’. De klikspaan is een houten klepper, onderdeel van de leprozenuitrusting. Hiermee klepperden ze om hun komst aan te kondigen, zodat stadsbewoners wisten dat er een ‘uitgestotene’ aankwam. |
|
Leprozen en nep-leprozen Na 1604 mochten de leprozen nog wel een beperkte omgang in de nabijheid van het Leprozenhuis maken. De ets laat zien hoe de optocht aangegrepen werd om ‘Lazarus’ te worden, namelijk ook door voorgewende leprozen. Het onderschrift maakt melding van Janne-man. Dit is het houten voorwerp dat de leprozen meedragen. Het is het herkenningsteken van het houtzagersgilde, dat voorop ging in de optocht, zoals ook op de aquarel van Craeyvanger te zien is. |
De leprozenoptocht door Claes Jansz Visscher Gemeentearchief Amsterdam. |