Archief van het Ambacht Nieuwer-Amstel, met het Archief van de Ambachten Rietwijk, Rietwijkeroord en Rietwijkeroorderpolder

Algemene kenmerken

Toegangsnummer:

5501

Periode:

1601 - 1811

Inleiding

Inventaris van het archief van Nieuwer-Amstel (Amstelveen), 1601-1811

Inleiding

Het hierna geïnventariseerd gedeelte van het archief van de gemeente Nieuwer-Amstel neemt zijn aanvang in 1601 en eindigt ten tijde van de invoering van de Franse bestuursadministratie op 1 augustus 1811. Deze bestuursadministratie bracht veel veranderingen in de bestuursorganisatie van de gemeenten. Daarom is dat jaar ook gekozen als einddatum van dit gedeelte van het archief.

De "Handleiding voor het ordenen en beschrijven van archieven" samengesteld door mrs. Muller Fz., J.A. Feith en R. Fruin Th. Az., stelt voorop, dat het systeem van de indeling van een archief gegrond moet zijn op de oorspronkelijke organisatie van dat archief, die in hoofdzaak overeenstemt met de inrichting van het bestuur, waarvan het afkomstig is. Daarom moet eerst iets over de bestuursorganisatie van Nieuwer-Amstel worden medegedeeld.

Bestuursorganisatie voor 1795

De kleinste rechtsgebieden waarin het huidige Noord-Holland was verdeeld waren de bannen of ambachten. Zij vormden als ware de cellen waaruit op bestuurlijk, rechtelijk en waterstaatkundig gebied de organisatie ten plattenlande was opgebouwd. Het ambacht Amstelveen bestond omstreeks 1413 uit zeven delen (kwartieren): Buitenveldert, Roemersdorp, Middeldorp, Smedeman, Legmeer, Noortveen en Oetewaal. Langs de Amstel ontwikkelde zich in de loop der tijd een rij nieuwe buurtschappen. In het noorden Meerhuizen, de Omval en bij de Tolbrug de buurt Ouderkerk. Ten zuiden van de Ouderkerkerlaan: Waardhuizen, Schanshoek, Swaluwebuurt en Nes aan de Amstel. Tenslotte moet het buurtschap Bovenkerk genoemd worden. In een vijftiende eeuwse akte wordt Bovenkerk al vermeld. Een verklaring van de naam is niet moeilijk te geven. Vanuit Amsterdam gezien was al het geen dat ten zuiden van de kerk lag "boven de kerk"gelegen. Sedert 1399 was het ambacht Amstelveen door hertog Albrecht van Beieren,graaf van Holland, Zeeland en Henegouwen in erfleen uitgegeven, waardoor als het ware een stuk overheidsgezag in particuliere handen kwam. Het ambacht werd een ambachtsheerlijkheid en de leenman werd ambachtsheer. Hij bezat het bestuur en de lage rechtspraak. Deze functie oefende hij niet zelf uit, maar benoemde daartoe op zijn beurt een schout en verder allerlei functionarissen zoals schepenen, secretaris, gerechtsbode en bekleders van kleine ambten zoals schoolmeester, koster, kerkmeester, weesmeester enz. Verder genoot de ambachtsheer een aandeel in de boeten en oefende hij veelal verschillende rechten en bevoegdheden uit zoals het recht van jacht, visserij, wind, veer, tol en andere heerlijke rechten. Ook had hij vaak het collatierecht, dat wil zeggen her recht een pastoor, na de reformatie een predikant, aan te stellen. Tenslotte had hij, eventueel met de regenten (schout, schepenen, vroedschappen of de invloedrijke gegoede lieden), het recht om verordeningen te maken (keurrecht) en op overtreding van deze keuren straffen te stellen. Echter met dien verstande dat deze keuren niet in strijd mochten zijn met de wetgeving van de Staten van Holland. Stierf zijn geslacht uit dan kwam het ambacht ook weer aan de leenheer teug (in 's graven boezem terugkeren). Wel was het mogelijk om de ambachtsheerlijkheid te verkopen, zij het met toestemming van de leenheer, later van de Staten van Holland.

In 1529 verkocht jonker Reinoud van Brederode , in die tijd met de ambachtsheerlijkheid beleend, zijn leengoed aan de burgemeesters van Amsterdam. Nu zag de leenheer niet graag, dat een leengoed in handen kwam van een rechtspersoon (bijvoorbeeld een stad), want daardoor was het uitgesloten dat het leengoed door uitsterven van het geslacht van de leenman nog eens aan hem zou terugkomen. Bovendien moest een nieuwe leenman bij het overlijden van de vorige of bij verkoop van een leengoed, zekere betalingen doen aan de leenheer om in het bezit van het leen te komen (heergewade). Deze inkomsten moest de leenheer ook derven wanneer het leen in handen van een rechtspersoon kwam. Ten einde deze moeilijkheden te ontgaan, moest de rechtspersoon een zogenaamde "sterfman" aanwijzen, dat wil zeggen een natuurlijk persoon die namens de rechtspersoon beleend zou worden. Zo moest Amsterdam bij aankoop van de ambachtsheerlijkheid ook een sterfman aanwijzen die namens de stad beleend was. Stierf deze sterfman, dan moest een daartoe aangewezen opvolger belening vragen en de "heergewade"voldoen. Het is dus onjuist de beleende personen als ambachtsheren aan te duiden. Deze foutieve benaming is overigens wel in de hand gewerkt door het feit dat de sterfman meestal één van de burgemeesters was. Vaak bezat hij ook nog een aanzienlijk grondbezit in de ambachtsheerlijkheid. Maar de uiteindelijke beslissingsbevoegdheid bleef tot 1795 in handen van het college van Amsterdam. De schout stond aan het hoofd van het ambacht. Hij oefende met de buren (allen die in het dorp een erf hadden, grondbezitters en gebruikers) het bestuur, met de schepenen de rechtspraak uit. Omdat er geen onderscheid werd gemaakt tussen rechtspraak en bestuur, kunnen we veilig aannemen dat ook de bestuurstaak door schepenen werd uitgeoefend. De buren werden later veelal vervangen door ambachtsbewaarders, ook wel aangeduid als "waarsluyden". Toch hebben de buren nog lang enig aandeel in het administratieve bestuur behouden, want bij belangrijke zaken werden ze nog veel netrokken. De "waarsluyden" behartigden de bestuursbelangen van de kwartieren waarin het ambacht verdeeld was. Zij worden ook wel onder de naam van"buurtmeesters"en zelfs van "burgemeesters" gevonden. Als verder functionarissen mogen ook wel de secretaris, belast met de zorg voor de administratieve neerslag van het bestuur, de kerkmeesters, de armmeesters, de gerechtsbode, de brand- en wachtmeesters, de keurmeesters van hooi enz. genoemd worden.

Bestuursorganisatie na 1795

Het zelfstandig worden van Nieuwer-Amstel berust op de "Publicatie betreffende de heerlijkheden, heemraadschappen enz., gearresteerd bij den Provisionele Representanten van het Volk van Holland, den 6den maart 1795", uitgave 's Lands Drukkerijen van Holland te Den haag 1795:

Artikel 1. "Dat aan de Ingezetenen van alle Steden of Dorpen wordt toegekend het recht, om hunne Stedelijke of Dorps-Reegeringen te verkiezen, wordende de verkozene Persoonen, die in eenen bijzonderen Eed staan van de Eigenaars der Heerlijkheden bij deezen van denzelven Eed ontslagen, wanneer de Ingezeetenen van hunne Stad of Dorp hunne Stads- of Dorpsregeering veranderen".

In het eerste jaar van de Bataafse Republiek (1795-1896) werden overal plaatselijke verkiezingen gehouden. Ook werd er gestreefd naar afschaffing van de heerlijke rechten. Ten gevolge daarvan liet men de schout en schepenen niet meer door Amsterdam aan stellen. De burgerij koos een provisionele schout en schepenen. Niet veel later werden zij weer uit hun ambt ontzet en werd een "regeringsreglement voor Amstelveen" van kracht. Het schepencollege bleef voor de rechtspraak bestaan. Helaas is van dit reglement geen enkel exemplaar teruggevonden. Het hield in dat het voormalige ambacht bestuurd zou worden door een municipaliteit onder voorzitterschap van een president. Deze zou tevens als "civiele" aanklager fungeren in het nieuw gevormde "Comité van Justitie". Verder werden nog andere comités gevormd waarvan wel het voornaamste het "Comité van Algemeen Welzijn"was. Er kwamen "wijkvergaderingen", waarvan de naam voor zichzelf spreekt, die weer gezamenlijk vergaderen in de "centrale vergadering der wijkvergaderingen". De scheiding tussen bestuur, wetgeving en rechtspraak, alsmede de afschaffing van de heerlijke rechten werd vastgelegd in de Staatsregeling van 1798. Volgens deze Staatsregeling werden de ambachten zelfstandige gemeenten, die hun eigen bestuur kozen en hun vertegenwoordigers in het provinciaal en in het landsbestuur. Wel bewaard gebleven is een reglement voor het gemeentebestuur (1), zoals dat in de raadsvergadering van 24 januari 1804 (2) is vastgesteld. Het telt niet minder dan 138 artikelen. Het gemeentebestuur moest voortaan bestaan uit zeven leden, die minstens 25 jaar oud moesten zijn en drie jaar in de gemeente gewoond moesten hebben om gekozen te kunnen worden. De vergaderingen werden met gesloten deuren in het rechthuis gehouden. Het gemeentebestuur koos zelf zijn president en belastte twee van zijn leden met de financiën en twee met het beheer van de weeskamer. De schout was het hoofd van de politie en hij fungeerde als "opperbrand- en wachtmeester". De president van het gemeentebestuur werd uit dit bestuur gekozen en moest één jaar aanblijven. De gemeentesecretaris, die tevens secretaris van de rechtbank mocht zijn, moest 25 jaar oud zijn en binnen de gemeente wonen. Hij was belast met de zorg van de administratieve neerslag van het bestuur. Daar het ambt van de schout (civiele aanklager) dus onverenigbaar was met dat van president van het gemeentebestuur, werden deze functies sedert 1803 ook weer in de praktijk gescheiden. Nadat het nieuwe gemeentebestuur als "Raad der gemeente van Nieuwer-Amstel"geïnstalleerd was, werd in de vergadering van 26 januari 1804 een reglement van 17 artikelen voor deze Raad vastgesteld (3).

Reorganisaties van het staatsbestel volgen elkaar snel op. Uiteraard had dit zijn invloed op de bestuursorganisatie van Nieuwer-Amstel. In juli 1810 volgde de inlijving bij Frankrijk. Dit had tot gevolg dat door het in werking treden van de Franse wetboeken in het gehele land uniformiteit van rechtsbedeling ontstond in plaats van de uiteenlopende gewestelijke en stedelijke rechtsbepalingen. Op1 maart 1811 werd overal het Franse gemeenterecht van kracht. De gemeentebesturen hielden op een rechtsprekend college te zijn. Een ander gevolg van de inlijving was dat de naam van de schout werd vervangen door maire, bijgestaan door adjoints du maire (wethouders) en een conseil municipal (gemeenteraad). Op 1 augustus 1811 werden de maire, één adjoint du maire en negen leden van het conseil municipal geïnstalleerd (4).

Rechtelijke organisatie voor 1795

In het tegenwoordige Noord-Holland werd sedert de vijftiende en zestiende eeuw voornamelijk rechtgesproken in baljuw- schoutengerechten. Het baljuwgerecht was voortgekomen uit het oude gravengerecht. De baljuw was vertegenwoordiger van de landsheer en werd door hem aangesteld. Hij had binnen zijn gebied aanvankelijk dezelfde bevoegdheden als de landsheer over diens territoir. Hiervan bleef niet meer over dan de hoge rechtspraak, de politie en het maken van keuren. Hij presideerde het rechtelijk college van schepenen, doch had zelf geen deel aan de vaststelling van het vonnis. De steden en hoge heerlijkheden waren aan het rechtsgebied van de baljuw onttrokken. Deze hadden hun eigen rechtsgebied. In 1489 wist Amsterdam het recht om een baljuw in Amstelland aan te stellen aan zich te trekken. Nieuwer-Amstel 1515 geschiedde de benoeming door de Rekenkamer der Grafelijkheids Domeinen en na de afzwering van Filips II in 1581 door de Gecommitteerde Raden van de Staten van Holland. In Amstelland, waartoe het ambacht Amstelveen behoorde, was wel een baljuw doch geen college van "de Baljuw en zijn mannen". De baljuw oefende namelijk de criminele jurisdictie uit tezamen met het gerecht van het ambacht, war de delicten waren voorgevallen. Er was geen hoger beroep mogelijk op de baljuw. Wel mochten de schepenen van Amstelveen en andere dorpen bij hun collega's in Amsterdam "vonnisse halen". Maar indien men dit deed zou het door de Amsterdamse schepenen gewezen vonnis rechtsgeldigheid bezitten. De kosten van dit "vonnisse halen" waren voor rekening van de verliezende partij.

De baljuwschappen waren verdeeld in schoutambachten of bannen, waar de schout, die evenals de baljuw alleen het rechtelijk college presideerde, met de schepenen de lage of civiele jurisdictie uitoefende. Aanvankelijk werd in de schoutgerechten recht gesproken door asing (asega = rechtzegger) en buren, waarbij de asing het vonnis voorstelde, de buren het vaststelden en de schout het uitvoerde. Dit systeem was in die tijd zeer verbreid en werd aangeduid met de naam "asichdoms- of aasdomsrecht". In Amstelland werd het aasdomsrecht in 1388 afgeschaft en werd de rechtspraak door schout en schepenen ingevoerd. Naast de civiele jurisdictie waren de lagere gerechte tevens belast met de voluntaire jurisdictie, zoals overdracht van onroerend goed, vestiging van hypotheken en dergelijke. De schout fungeerde ook als officier van justitie.

Van de vonnissen van de lage gerechten was beroep mogelijk bij de baljuwgerechten en vervolgens bij het Hof van Holland. Ook kon men van deze vonnissen direct in beroep gaan bij het Hof, hetgeen in later tijd steeds meer gebruik werd. Sedert de invoering van de rechtspraak door schout en schepenen (1388), bestond het college dus uit schout en zeven schepenen, die door of vanwege de landsheer beëdigd werden. Ieder jaar traden op Vrouwendag ( 2 februari) vijf schepenen af. De ambachtsheer, in casu de burgemeesters van Amsterdam, benoemde dan weer vijf nieuwe uit een dubbeltal dat door de zittende schepenen aangeboden werd.

Zodra de vijf nieuwe schepenen benoemd waren wezen zij uit de zittende schepenen er twee aan, die nog ter wille van de continuïteit een jaar lang lid bleven van de schepenbank. Van de zeven schepenen kwam er één van de Overtoom of Buitenveldert-Veendijk en een van de Buitenveldert-Amsteldijk. Deze twee fungeerden, om het andere jaar, als president-schepen. Eén schepen moest afkomstig zijn uit Bovenkerk-Amsteldijk en één uit het dorp Amstelveen zelf. Deze twee schepenen fungeerden beurtelings een jaar lang als vice-president van het schepencollege. De twee overblijvende schepenen werden genomen uit de kwartieren van de legmeer en Oetewaal. De Stadspolder werd, wat bestuur en rechtspraak aanging, gerekend te behoren tot Buitenveldert en de Vrije Noortveen had geen eigen vertegenwoordiger in het schepencollge.

Rechtelijke organisatie na 1795

De schepenbank werd vervangen door een comité van justitie, waarvan de leden door de burgerij werden gekozen op grond van de eerder genoemde publicatie van de Provisionele Representanten van het Volk van Holland van 6 maart 1795. De werkzaamheden bleven aanvankelijk nog dezelfde. Nieuwer-Amstel de staatsgreep van 1798 werden de rechtsprekende organen overal definitief van de bestuurscolleges gescheiden, terwijl het benoemingsrecht in handen werd gegeven van de nationale overheid. Voortaan werd recht gesproken in naam van het Bataafse Volk.

De inrichting van de plaatselijke rechtbanken geschieden op grond van reglementen die door de plaatselijke besturen zelf waren ontworpen en goedgekeurd werden door het Departementaal Bestuur. Deze reglementen kwamen in de loop van het jaar 1803 tot stand (5).

De inrichting van de rechtbank in Nieuwer-Amstel maakte een reglement van 100 artikelen noodzakelijk. Deze rechtbank moest bestaan uit zeven leden die de naam van schepenen droegen. Zij werden voor vier jaar gekozen en zij moesten minstens 30 jaar oud zijn. De benoemingen geschiedden door het Departementaal Bestuur op gezamenlijke voordracht van het rechterlijke college en het gemeentebestuur. In 1805 werd de benoeming van publieke aanklagers aan de raadspensionaris opgedragen, welk recht in 1806 toekwam aan de koning, die ook de benoeming van de leden van de rechtbank aan zich trok. Ook de schepenen moesten met gesloten deuren hun rechtdagen in het rechthuis houden. Hun salaris was gelijk aan dat van de leden van de Raad, namelijk f100, - per jaar. Afzonderlijke commissarissen uit hun midden deden de kleine zaken af en verder waren er nog commissarissen voor onbeheerde boedels. Bij deze rechtbank bekleedde de baljuw van Amstelland de post van openbare aanklager in criminele zaken, terwijl de schout deze functie had in civiele zaken.

In juli 1810 volgde de inlijving bij Frankrijk. De rechtelijke organisatie bleef gehandhaafd tot aan het in werking treden van de Franse rechtelijke organisatie op 1 maart 1811.

Waterstaatkundige organisatie voor 1795

In het jaar 1388 droeg hertog Albrecht van Beieren, graaf van Holland, Zeeland en Henegouwen het bestuur over de afwatering in de verschillende rechtsgebieden op het oude land (dat wil zeggen het land dat bestond in tegenstelling tot het nieuwe gewonnen land in de droogmakerijen) op aan schout en schepenen van de desbetreffende ambachten.

Schout en schepenen traden op in hoedanigheid van dijkgraaf en heemraden, want de polders waren juridisch niet zelfstandig. De ingelanden konden geen eigen bestuur voordragen of kiezen, geen keuren maken. Zij hadden dus geen publiekrechtelijke bevoegdheden.

Dit college van schout en schepenen dreef de schouw over binnendijken, wegen en waterlopen, vaardigde de nodige keuren uit en verrichtte alles wat verder noodzakelijk was. Toen Amstelveen als ambachtsheerlijkheid in erfleen werd uitgeven (1399), kreeg de ambachtsheer de bevoegdheid die schout en schepenen bezaten. Hij benoemde ook de polder- en molenmeesters. Zij hielden toezicht op de waterstaatswerken en inden de omslag voor het ambachtsbestuur. Zij vormden als het ware de schakel tussen de ingelanden en het ambachtsbestuur. In de praktijk oefende de ambachtsheer niet zelf het schout ambt uit, maar hij beperkte zich tot het aanstellen van een schout en schepenen. Alleen het uitvaardigen van allerlei voorschriften behield hij aan zich.

In de landsheerlijke periode ontstond veelal een scheiding tussen dijk- en polderbestuur, doordat de landsheer ten behoeve van een beter toezicht op en onderhoud van de zeedijk afzonderlijke dijkbesturen instelde. De landsheer rekende deze dijken tot zijn invloedssfeer als beschermers van zijn territoir. Degene die aanmerkelijke schade aan deze dijken bracht verbeurde in principe lijf en goed. Op hetzelfde niveau stonden de latere besturen over een belangrijke dam of zeedijk, alsook over een boezembeherend waterschap, bijvoorbeeld het waterschap van Uitwaterende Sluizen van Kennemerland en West-Friesland en van Amstelland.

Om het probleem van de wateroverlast uit de omliggende Stichtse en Hollandse gebieden op te lossen, stelde keizer Karel V in 1520 het Heemraadschap van Nieuwer-Amstel in. Het heemraadschap bestond uit vijf personen die de meeste landerijen in het land en het dorp van Amstelveen in eigendom hadden. Vier van hen werden aangesteld tot heemraden en de vijfde, tevens de oudste, moest als dijkgraaf fungeren. Ook trad de baljuw soms als dijkgraaf op. Dit college werd aangesteld door de keizerlijke Raad. Het Heemraadschap had bemoeiing met dijken, kaden, bruggen, sluizen, waterlozingen, molens enz. binnen Nieuwer-Amstel en het mocht keuren uitvaardigen. Dit moest echter wel in overleg en op advies van schout en schepenen gebeuren. Voorts stelden zij de schouwdagen en de boetes vast. De schouw werd echter door schout en schepenen gedreven en zij inden ook de opgelegde boetes. De rechten van de ambachtsheerlijkheid werden niet rechtstreeks aangetast. Alleen wanneer schout en schepenen te kort schoten of in gevallen dat er waterschapsbelangen van grotere omvang te behartigen waren, ging het heemraadschap fungeren. Zo trachtte het invloed op het polderbestuur uit te oefenen.

In 1252 was het probleem van de wateroverlast nog niet afdoende opgelost en stelde keizer Karel V het Hoogheemraadschap Amstelland in .Hierbij werd onder meer bepaald: "voortaan zal de baljuw van Amstelland als dijkgraaf met 6 heemraden den Ringh ofte omloop van de ghemeene waterschap ende water schuttinghe van Amstelland in onsen lande van Holland" schouwen op gelijke voet als men in Rijnland doet, zo dikwijls als dat nodig zal zijn. De dijkgraaf zal de 6 heemraden kiezen uit de gerechten van Amsterdam, Weesp, Ouderkerk, Amsterveen, Diemen en Waverveen. Voor zover deze tot de ambachtsheerlijkheden behoorden die in het bezit van Amsterdam kwamen, werden zij door de burgemeesters van Amsterdam aangewezen. De door hen op de ring (samenstel van aaneengesloten dijken, kaden enz. die een zeker gebied afsluiten van aangrenzende wateren) uitgeoefende schouw laat de bevoegdheid van de schout en schepenen uit de ambachten onaangetast. In de loop van de tijd bleef de samenstelling van het college ongewijzigd. De vergaderingen van dit hoge college werden gehouden in het Gemene Landshuis van de Zeeburger- of Diemerdijk, of in het stadhuis te Amsterdam.

Waterstaatkundige organisatie na 1795

In 1795 werden dorps- en polderbesturen in principe gescheiden door de provisionele Representanten van het Volk van Holland. Men stelde dat ook de ingelanden gerechtigd waren een eigen bestuur te kiezen. Over het algemeen is dit slechts op enkele plaatsen verwezenlijkt. Meestal werd het polderbestuur overgenomen door de municipaliteiten, later gemeentebesturen. Pas in 1851 schreef de gemeentewet deze scheiding dwingend voor.

Archief

Het archief beslaat slechts vier meter. Dit is grotendeels te wijten aan het feit dat met de inval van de Pruisen in 1787 het rechthuis werd geplunderd en een groot gedeelte van het archief werd verbrand. Als gevolg hiervan ontbreken veel archiefbescheiden van vóór 1787 (onder andere resoluties van het gerecht, belastingkohieren en dorpsrekeningen). Toch zijn er wel archiefbescheiden daterend uit de zeventiende eeuw voor deze brandstichting gespaard gebleven. Zij werden waarschijnlijk elders bewaard. Vanaf 1787 heeft het restant van het archief een tijdlang in de open lucht en later jarenlang in een stal gelegen (6). Pas in 1841 werd het naar het raadhuis overgebracht. In 1869 werd het restant aangevuld met een schenking van het heemraadschap; een portefeuille bevattende stukken uit de jaren 1657-1809.

Bij de ingebruikneming van het nieuwe raadhuis, Amsteldijk 67, in 1892 werd er een brandvrije archiefbewaarplaats ingericht. Na de annexatie in 1896 door Amsterdam kwam dat raadhuis op Amsterdams grondgebied te liggen. Het gemeentebestuur keerde terug naar de dorpskern, waar nog in het zelfde jaar een nieuw gemeentehuis, Dorpsstraat 71, werd betrokken. Het archief bleef aanvankelijk in Amsterdam achter. Pas een jaar later werd het ook naar het nieuwe gemeentehuis overgebracht.

Door de groei van Nieuwer-Amstel na de Tweede Wereldoorlog en de daarmee gepaard gaande uitbreiding van de gemeentelijke administratie ontstond ruimtegebrek in de archiefkelder en werden gedeelten van het archief overgebracht naar de zolder en naar de telefoonkelder. Omstreeks 1966 werd een gedeelte overgebracht naar de archiefkelder van het politiebureau te Amstelveen (7). De bouw van een nieuw raadhuis moest onder meer een eind maken aan een toestand van tamelijke ontoegankelijkheid en niet altijd even veilige bewaring. Met de ingebruikneming van dit, idyllisch aan de poel gelegen nieuwe raadhuis, laan van Nieuwer-Amstel 1, kon omstreeks 20 april 1980 het archief worden overgebracht naar de archiefkelder die ingevolge artikel 24, archiefwet 1962, door de gemeenteraad als archiefbewaarplaats werd aangewezen. In 2004 werd het archief overgebracht naar de archiefbewaarplaats van het Stadsarchief van Amsterdam.

Inventarisatie

In 1892 en in 1911 werden pogingen ondernomen om het archief door inventarisatie toegankelijk te maken. In 1929 werd echter geconstateerd dat het archief in zeer slechte toestand verkeerde en de bewaring chaotisch was. Gedurende 1929-1932 inventariseerde de heer S. Hart, volontair bij de gemeentelijke archiefdienst van Amsterdam ( de latere gemeentearchivaris van Amsterdam) met behulp van de Nieuwer-Amstelse secretarieambtenaren de heren Krol en Witzier het archief over de periode 1813-1930. In 1940 werd wederom een poging ondernomen om het archief te herordenen, doch een inventaris die vooral het archief van vóór 1813 toegankelijk moest maken, bleef uit.

In 1973 besloot het college van burgemeester en wethouders een middelbaar archiefambtenaar ter secretarie, speciaal belast met de verzorging van het statisch (oud) archief, aan te trekken. Als zodanig werd per 1 oktober 1974 de heer Gast benoemd. Hij maakte in 1975 een globale ordening van het archief over de periode 1601-1882, waardoor dit gedeelte van het archief toegankelijk werd. In 1979 aanvaarde hij een benoeming elders. Per 1 februari 1982 ben ik hem in dezelfde functie opgevolgd. Ik heb mij vanaf die datum bezig gehouden met de voltooiing van de door mijn voorganger aangevangen inventarisatie.

Door de beperkte omvang van het archief over de periode 1601-1811, heb ik de archiefbescheiden overwegend stuksgewijs beschreven. Aangezien de leesbaarheid van de kladnotulen van de municipaliteit (inventarisnummers 9-43) te wensen overliet, heb ik de bijlagen ervan beschreven in bijlage A. Deze bijlage en de index van persoonsnamen hierop zijn ondergebracht bij inventarisnummer 9. Tevens is bij elk inventarisnummer van 9 tot en met 43 de daarbij behorende ontsluiting aan toegevoegd.

Bij de ordening ben ik uitgegaan van de onderscheidene taken van het bestuur. De al eerder aangehaalde omzwervingen en verschillende inventarisaties van het archief, alsmede de gebrekkige bewaring in vroegere tijden, hebben de oorspronkelijke structuur min of meer aan het oog onttrokken.

Noten

  1. Zie inventarisnummer 85.
  2. Zie inventarisnummer 6.
  3. Zie inventarisnummer 6.
  4. Zie inventarisnummer 43, bijlage nummer 200.
  5. Zie inventarisnummer 453.
  6. Zie jaarlijks uitvoerig beredeneerd verslag van de toestand der gemeente over 1861.
  7. Zie dossier -2.07.353.221 verslagen oud-archief, 1975, 1976.
  8. Zie dossier -2.07.353.221 beheer van archiefstukken. Registratuur, vanaf 1976
Geraadpleegde literatuur

-Archieven, de, in Noord-Holland; (behalve Amsterdam). Samson, Alphen aan den Rijn, 1989. ( overzichten van de archieven en verzamelingen in de openbare archiefbewaarplaatsen in Nederland: deel VII).

-Groesbeek, J.W. Amstelveen; acht eeuwen geschiedenis. Amsterdam, Allert de Lange, 1966.

Archief van het ambacht van Nieuwer-Amstel (Amstelveen), 1601-1811

  1. Stukken van algemene aard
    1. Notulen
      1. Notulen van de vergaderingen van de municipaliteit tevens bevattend afschriften van ingekomen en uitgaande stukken
      2. Kladnotulen van de vergaderingen van de municipaliteit
    2. Besluiten, verordeningen en bekendmakingen
      1. Registers van keuren, ordonnanties, reglementen, bekendmakingen, resoluties, ingekomen en uitgaande stukken
      2. Bekendmakingen betreffende de herziening van alle keuren, ordonnanties en reglementen
      3. Lijsten houdende opgave van akten en andere stukken welke in het archief aanwezig zijn en van vermiste keuren en ordonnanties
      4. Uittreksel uit de notulen van het departementaal bestuur van de Amstel inzake het verspreiden en ter inzage leggen van publicaties en reglementen uitgevaardigd door het Staats Bewind van de Bataafsche Republiek
      5. Brieven aan de secretaris van het provinciaal bestuur van Holland met het verzoek om bij toezending van publicaties slechts 30 exemplaren en de baljuw van Amstelland slechts 2 á 3 exemplaren te sturen, afschriften
      6. Uittreksel uit de notulen van het departementaal bestuur van de Amstel inzake nieuwstijdingen en het in noodgeval in veiligheid brengen van stukken, registers en charters
    3. Akten
      1. Akten van veiling van roerende en onroerende goederen, ten overstaan van schout en schepenen en later van het Comité van Justitie, minuten
      2. Stukken betreffende de afdoening van voor het gerecht gepasseerde publieke veilingen
      3. Akte van transport ten overstaan van schepenen door Rutger Vlieck aan Anthony van der Gijsen (Giessen), van een hofstede met huis en land, gelegen aan de Amsteldijk, groot 4 morgen 333 roeden, voor de som van 9.500 gulden,
      4. Akte van transport ten overstaan van schepenen door H. Westhoff, als gemachtigde van M.J. Backer, aan A.M. Bouman, van een hofstede met herenhuis, stalling en tuinmanswoning, Nooit Dor (na 1799 Zorgvliet) genaamd, gelegen aan de Amsteldijk
      5. Akte van transport ten overstaan van het comité van justitie, door J.H. Delhees als gemachtigde van A.M. Bouman, aan D. Brok, van een hofstede met herenhuis, stalling en tuinmanswoning, Nooit Dor (na 1799 Zorgvliet) genaamd, gelegen aan de Amsteldijk,
      6. Akte van transport ten overstaan van schepenen door D. Brok aan M. Swarth, weduwe van H.A. Insinger, van een hofstede met herenhuis, stalling en tuinmanswoning, Zorgvliet genaamd, gelegen aan de Amsteldijk, voor de som van 10.000 gulden
      7. Akte van transport ten overstaan van schepenen door de erfgenamen van C.T. Claver aan C.A. van Naerden, van een bruikweer land met huis, hooiberg, schuur en een halve brug, gelegen aan de Amstel in de Buitenveldertse polder, groot omtrent 18 morgen
      8. Akte van transport ten overstaan van schepenen door Luyt Willemsz. aan Claes Arentsz. van Naerden, van een stuk land, gelegen in de Buitenveldertse polder, groot omtrent 3.5 mad
      9. Authentieke uittreksels uit de akten van autorisatie ten overstaan van het Hof van Holland verleden in 1690 en 1699, voor E. den Otter, tot beheer en publieke verkoop van de door haar zwager A. van Naerden aan haar kinderen nagelaten landerijen
      10. Akte van transport ten overstaan van schepenen door E. den Otter, aan J. van den Bempden, van de hofstede Starrenburg, gelegen aan de Amstel. Met akte van autorisatie voor E. den Otter tot verkoop van bovengenoemd hofstede, minuut
      11. Hypotheekakte ten overstaan van schepenen door J. van den Bempden ten behoeve van E. den Otter, wegens de schuldig gebleven koopsom van 13.000 gulden van de hofstede Starrenburg, gelegen aan de Amstel. Met kwitanties van de aflossingen
      12. Uittreksel uit het register van vrijwillige verkopingen, inzake de veiling van een bruikweer land met een huis, gelegen aan de Amstel over het Cruysrak in de Buitenveldertse polder, groot omtrent 22 morgen, toegewezen aan J. van den Bempden
      13. Authentiek uittreksel uit het testament opgemaakt in 1706 ten overstaan van Jacobus van den Ende, notaris bij het Hof van Holland, van Ester Elisabeth Tulp en mr. Joan van den Bempden, echtlieden
      14. Authentiek uittreksel uit het testament opgemaakt in 1736 ten overstaan van Isaak Angelkot, notaris bij het Hof van Holland, van Ester Elisabeth Tulp, weduwe van mr. Joan van den Bempden
      15. Akte van transport door A. van Ketwich als gemachtigde van de erfgenamen van E.E. Tulp, aan N. Muilman, van de hofstede Starrenburg. Met een uittreksel uit een akte van volmacht voor A. van Ketwich tot verkoop van bovengenoemd hofstede, 1770. Met bijlage
      16. Uittreksel uit het register van vrijwillige verkopingen van vaste goederen inzake de veiling van de hofstede Starrenburg genaamd, gelegen aan de Amsteldijk, groot omtrent 22 morgen, toegewezen aan N. Muilman voor de som van 8.600 gulden
      17. Authentiek uittreksel uit het testament van N. Muilman, opgemaakt in 1788 door mr. J. Klinkhamer, waarin hij zijn broer D. Roelof en zijn zonen Hendrik en Pieter benoemt tot executeurs-testamentair en voogden over zijn minderjarige erfgenamen
      18. Akte van transport ten overstaan van schepenen door G.T. Cornelisz., gemachtigde van de executeurs van het testament van N. Muilman aan P. van der Sprang, van de hofstede Starrenburg, gelegen aan de Amstel in de Buitenveldertse polder
      19. Authentiek uittreksel uit akten ten overstaan van Anthonie van Kinschot, notaris te Amsterdam, inzake de afwikkeling van de nalatenschap van Pieter van der Sprang
      20. Akte van transport ten overstaan van schepenen door J.T. Cornelisz., gemachtigde van de executeurs van het testament van P. van der Sprang aan J. van der Beek, van de hofstede Starrenburg, alsmede van twee stukken land. Met akte van volmacht
      21. Uittreksel uit het register van vrijwillige verkopingen, inzake de veiling van de hofstede Starrenburg, alsmede twee stukken land, liggende achter de buitenplaats Nooit Dor, toegewezen aan Jan van der Beek voor de som van 13.950 gulden. Met bijlage
      22. Akte van transport ten overstaan van het comité van Justitie, door P.J. Hekman, gemachtigde van A. M. Bouman aan P. van der Sprang, van twee stukken land, liggende achter de buitenplaats Nooit Dor aan de Amsteldijk, voor de som van 945 gulden
      23. Akte van transport ten overstaan van schepenen door mr. Gerard Bors van Waveren aan Jacob Reynst, van een stukje land, gelegen in de Buitendijkse Buitenveldertse polder, groot 106 roeden, voor de som van 25 gulden
      24. Akte van transport ten overstaan van schepenen door Jan van Harreveldt aan Abraham van Wieringen, van een huis met erf, gelegen te Amstelveen, voor de som van 1.160 gulden
      25. Akte van transport ten overstaan van schepenen door Jacob Mirakel aan Hendrik Coot, van twee huizen, elk met erf en tuin, alsmede een stuk warmoesland, gelegen te Amstelveen, voor de som van 3.000 gulden
      26. Inventaris van de boedel van Jan van Gelder en Maria Verwey, echtelieden, gewoond hebbend aan de Hand van Leiden in herberg de Grote Blei, later het Leidse Wapen genaamd
      27. Onderhandse akte van transport door Barent Dessen en Willem van der Meer aan Manus Oudhuizen en Balabina Straver, van een huis met bakkerij voor 1.400 gulden, afschrift
    4. Ingekomen en uitgaande stukken
      1. Registers met de afschriften van ingekomen en uitgaande stukken, van akten van aanstelling en van nominaties van schepenen, burgemeesters, kerkmeesters, armmeesters en van broodwegers en van de eedafleggingen van de nacht- of ratelwacht en van procureurs
      2. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake het bevestigen van de ontvangst van stukken
      3. Register van verzoekschriften ingekomen bij de municipaliteit met de daarop genomen beschikkingen, met klapper
      4. uittreksel uit de notulen van het departementaal bestuur van de Amstel inzake aanmaningen tot beantwoording van vragenlijsten betreffende diverse onderwerpen
  2. Stukken betreffende bijzondere onderwerpen
    1. Grondgebied
      1. Uittreksel uit de notulen van het departementaal bestuur van de Amstel inzake het besluit van Amsterdam om de jurisdictiepaal aan de Outewaalerweg geplaatst tegen de wil van Nieuwer-Amstel, weer weg te nemen
      2. Blanco verzoekschrift van de burgers aan de Eerste kamer van het Vertegenwoordigend Lichaam met het verzoek tot wijziging van de plannen voor gemeentelijke herindeling
    2. Bestuur
      1. Reglement voor het gemeentebestuur
      2. Bekendmakingen betreffende de inrichting en handelwijze van de municipaliteit
      3. Bekendmakingen betreffende de verdeling van de gemeente in wijken en de oprichting van wijkvergaderingen
      4. Brief van Albert Sloos, secretaris, uit naam van de wijkvergadering op de Overtoom, inzake de wanordelijke gang van zaken in de wijkvergaderingen
      5. Bekendmakingen betreffende het Ontwerp van Staatsregeling
      6. Brief aan J. Stockelaer van Eijk om het Ontwerp van Staatsregeling niet in de lokalen van de grondvergaderingen te leggen, afschrift
      7. Brief van het departementaal bestuur van de Amstel inzake de ontbinding van het Staatsbewind der Bataafse Republiek en het wettig verklaren van het departementaal bestuur van Holland
      8. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake het toezenden van exemplaren van het Bulletin der Wetten aan alle maires, voor de jaarlijkse som van 6 francs
      9. Uittreksel uit de notulen van het departementaal bestuur van de Amstel waarin de municipaliteit wordt gewaarschuwd zich voortaan in meer fatsoenlijke termen en met verschuldigde eerbied tot dat bestuur te wenden
      10. Brieven van de commissaris van het uitvoerend bewind bij het departementaal bestuur van de Amstel inzake het willen bijwonen van een vergadering van de municipaliteit
      11. Missive van het departementaal bestuur van de Amstel inzake de benoeming van Jacob Gerard van der Meulen tot voorzitter en mr. Robert Hendrik Arntzenius tot secretaris van bovengenoemd bestuur
      12. Missive van Graaf De Celles waarin hij meedeelt dat hij door de Keizer benoemd is tot prefekt van het departement der Zuiderzee
      13. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake de ambtsaanvaarding van de Intedant van Binnelandse Zaken van Holland
    3. Ambtenaren en functionarissen
      1. Stukken betreffende de nominatie van burgemeesters, schepenen, wacht- en brandmeesters, kerkmeesters en broodwegers
      2. Missiven van de prefekt van het departement der Zuiderzee met het verzoek om toezending van een nominatielijst voor de post van maire, adjoint du maire en leden van de municipale raad
      3. Bekendmaking betreffende de aanstelling tot secretaris van Cornelis Sylvius van Lennep en tot waarnemend secretarissen van mr. P.J.B.C. van der Aa en Arnoldus Heringa van der Mersch
      4. Uittreksel uit het verbaal van de besluiten van de Prins Algemeenen Stedehouder inzake de benoeming van J. Vos tot schout in plaats van de op eigen verzoek ontslagen J. Stockelaer van Eijk
      5. Reglement en instructie voor de boden
      6. Reglement en instructie voor de wijkmeesters
      7. Brief van Johannes Homan waarin hij verzoekt om nadere instructies inzake de vervulling van het ambt als wijkmeester in wijk 7, waartoe hij benoemd is
      8. Brief van Teunes Knoppers, wijk- en wachtmeester, waarin hij voorstelt om Frans Dresselhuyzen, tuinman op de buitenplaats Meerhuizen aan de Amsteldijk, als wijkmeester aan te stellen
      9. Stukken betreffende het niet geschikt verklaren van Jan Daniëls Schuurman als wijkmeester vanwege zijn oranjegezindheid
      10. Uittreksel uit de notulen van het departementaal bestuur van de Amstel inzake het uit het ambt of bediening zetten van alle personen die niet in het stemregister zijn ingeschreven
      11. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het aanstellen van ijkmeesters
      12. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het opgeven van verdienstelijke ambtenaren, te weten: Johan Diderik Kiersch, schout, en Cornelis Sylvius van Lennep, secretaris
      13. Bekendmaking betreffende het ontslaan van alle onwaardige en nutteloze ambtenaren
      14. Brief van secretaris Gales inzake zijn achterstallige salaris en dat van Elias, gewezen baljuw
      15. Brief van F.W. Dresselhuys, waarin hij meedeelt dat hij zijn salaris nog niet heeft ontvangen en dat hij alleen aangesteld is om werkzaamheden te verrichten in wijk 6
      16. Brief van secretaris C. S. van Lennep, als gequalificeerde tot de directie over de invordering der belastingen op het recht van successie, aan de landrost in het departement Amstelland inzake de betaling van zijn traktement en enkele declaraties, concept
    4. Verkiezingen
      1. Bekendmakingen betreffende de verkiezing van een municipaliteit van Nieuwer-Amstel en Ouder-Amstel en het aanleggen van een register van stemgerechtigden
      2. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake de inschrijving in het Burgerlijk Stemregister
      3. Uittreksel uit het register der resolutiën van het intermediair bestuur van het voormalig gewest Holland inzake de departementale verdeling van het land en de oprichting van grondvergadering tot verkiezing van departementale besturen
      4. Stukken betreffende de verkiezingen van leden, kiezers en plaatsvervangers van het departementaal bestuur van de Amstel, met lijsten van stemgerechtigden
      5. Bekendmaking betreffende de verkiezing van ringkiezers
      6. Bekendmaking betreffende de verkiezing van een vertegenwoordiger en een plaatsvervanger voor het Vertegenwoordigd Lichaam
      7. Bekendmaking betreffende de verkiezing van onderstaande personen tot leden van een "commissie van finanantieel overleg", N.d. Bruyn, G. Eenhuyse, G.v. Grieken, L.v. Lammeren, C. Loenen, H.C. Kinker, W. Kok, C. Kroon, A.L.v. Mastenbroek en A.W. Veldhuyzen
      8. Bekendmaking betreffende het op wettige wijze verkiezen van hoogheemraden van Amstelland door stemgerechtigde ingelanden
    5. Bevolking
      1. Missiven van de prefekt van het departement der Zuiderzee met het verzoek om informatie over de staat van de bevolking
      2. Naamlijsten van inwoners van de wijken 5 en 7
      3. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake het aanleggen van de registers van de Burgerlijke Stand
      4. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake de ondertekening van stukken door de maire en van uittreksels uit de geboorte-, trouw- en begrafenisregisters door hen bij wie deze zijn gedeponeerd
      5. Bekendmaking betreffende het verbod om zich te laten aantekenen voor personen die niet in de gemeente woonachtig zijn
      6. Stukken betreffende het al of niet bestaan van bezwaren tegen voorgenomen huwelijken
      7. Vergunning voor Tobias Jordaan om zich met zijn kinderen en zijn echtgenote Maria van Alphen in Rotterdam te vestigen
      8. Uittreksel uit het doopregister van de rooms-katholieke gemeente te Bovenkerk, inzake Wilmpje, dochter van Willem Bosdam en Neeltje Willem Bes, gedoopt in 1783, afgegeven
      9. Uittreksel uit het doopregister van de rooms-katholieke gemeente te Bullewijk, inzake Nicolaas, gedoopt in 1806 en Agatha in 1807, kinderen van Jan Huift en Cornelia Boom, afgegeven
      10. Naamindex op niet nader te bepalen register
    6. Comptabiliteit en financiële aangelegenheden
      1. Missiven van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake regels voor het financiële beheer van de gemeenten
      2. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake het financiële beheer van de gemeenten, gods- en gasthuizen, liefdadige gestichten en onderwijsinstellingen
      3. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee met het verzoek om informatie over de financiële toestand van de gemeente en de wijze waarop de inkomsten worden gevorderd
      4. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam met het verzoek om informatie over de financiële toestand en de belastingheffing in de gemeente, het aantal geschikte personen voor de functie van maire, adjoint du maire en gemeenteraadslid
      5. Uittreksel uit het register der resolutiën van het Intermediair Administratief Bestuur van het voormalig gewest Holland inzake het jaarlijks openbaar maken van de rekening van de plaatselijke ontvangsten en uitgaven door het gemeentebestuur
      6. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake het inzenden, verifiëren en sluiten van de rekeningen van de steden en gemeenten
      7. Rekening over 1809-1811 opgemaakt door H. van den Bos, wijkmeester
      8. Stukken betreffende de verplichting voor maires en gemeentebesturen van plaatsen waarvan de inkomsten meer bedragen dan 10.000 francs, tot het inzenden van de begroting met bijlagen
      9. Stukken betreffende de voldoening van rente en aflossing van diverse leningen ten laste van de gemeente
      10. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam over het, alleen na verkregen toestemming van de raad van prefecture, door de maire aangegaan van transacties voor de gemeente en het door de schuldeisers van de gemeente vervolgen van de maire
      11. Missiven van de landdrost van het departement Amstelland inzake de verstrekking van subsidies
      12. Bekendmaking betreffende het aan de gemeenteraad opgeven van beheerde goederen van vermiste personen, gewezen gilden en andere corporatiën door weesmeesters, voogden, administrateurs en curatoren
      13. Kwitanties van ambachtslieden, ambtenaren en herbergiers voor geleverde goederen of bewezen diensten
      14. Missiven van het intermediair administratief bestuur van het voormalig gewest Holland inzake het inleveren van kwitanties door de ingezetenen
      15. Bekendmakingen betreffende het overleggen van schriftelijke lastgevingen door ambachtslieden en neringdoenden bij het inleveren van rekeningen
      16. Brief van de municipaliteit van Alkemade om een regionale commissie te vormen die zich richt tot het provinciaal bestuur inzake de ontheffing van de kosten die betaald moeten worden voor personen die gevangen gezet zijn op 's-Gravenstein te Leiden
    7. Belastingen
      1. Algemeen
        1. Missive van de prefekt van het departement Amstelland inzake het bij executie invorderen van de landelijke en plaatselijke belastingen
        2. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake een plan voor de plaatselijke belastingen
        3. Missive van de prefect van het departement der Zuiderzee inzake algemene bepalingen omtrent het beheer van de plaatselijke belastingen en fondsen
        4. Staten houdende betaalde verwaarborgings- of stuivergelden in verband met de dorpslasten
        5. Bekendmakingen betreffende de heffing van de algemene dorpslasten
        6. Kohier van de dorpslasten van wijk 1
        7. Lijst houdende de dorpslasten van de tien wijken
        8. Stukken betreffende de heffing van opcenten
        9. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake een onderzoek naar de genomen maatregelen tegen personen die achterstallige belasting verschuldigd zijn, 1810. Met naamlijst
        10. Stukken betreffende de aanzuivering van achterstallige belasting, welke de gemeente nog verschuldigd is, in opdracht van de financiële commissie over het voormalig gewest Holland
        11. Missive van de ontvanger van de verponding in het arrondissement Ouderkerk met het verzoek om twee taxateurs en vijf à zes zetters voor ieder onderdeel in de gemeente op te geven
      2. Diverse heffingen
          1. Kohier van het zout-, zeep-, dienstboden-, heren- en redemptiegelden
          2. Missiven van de landdrost van het departement Amstelland inzake de voldoening van het brandgereedschap-, lantaren-, nachtwachtgeld gedurende het lopende verpondingstijdperk, alvorens tot het slopen van een gebouw over te gaan
          3. Missiven van de landdrost van het departement Amstelland inzake opgave door gemeente-, dijk- en polderbesturen over de gestortte waarborgsommen voor gedane verveningen en van de jaarlijkse verschuldigde dijk-, sluis- en molengelden en verpondingen
          4. Stukken betreffende de omslagen van de dijk-, sluis- en molengelden geheven van 1800-1809 in de polders onder Nieuwer-Amstel
        1. Belasting op het gemaal
          1. Missive van de prefect van het departement der Zuiderzee inzake het aannemen van de bonnen ter voldoening van de opcenten op het gemaal
        2. Belasting op paarden
          1. Bekendmaking betreffende het paarden- en pleziergeld
        3. Patentbelasting
          1. Missiven van de landdrost van het departement Amstelland inzake de invordering van het middel van patent
        4. Diverse penningen
          1. Missive van het comité van finanantie van Holland inzake instructies voor de secretaris belast met de ontvangst van de 10de, 15de, 20ste, 40ste en 80ste penning
          2. Bekendmaking betreffende de heffing van de 25ste penning
          3. Brief aan het provinciaal comité van Holland inzake de borgstelling van de secretaris als ontvanger van het middel van het collateraal, de 40ste penning etc., afschrift
          4. Bekendmakingen betreffende de heffing van de 80ste penning
          5. Bekendmakingen betreffende de verponding van de 100ste en de 200ste penning en de heffing van het achterstallige straatgeld
          6. Bevelschriften betreffende de betaling van tweemaal de 100ste penning door Johannes Hooman uit hoofde van zijn ambt als civiel aanklager
        5. Successierecht
          1. Missiven van de landdrost van het departement Amstelland inzake de invordering van het successierecht
          2. Registers van akten van taxatie van nalatenschappen ten overstaan van schout en schepenen in verband met het successierecht, met indexen op persoonsnamen
            1. met index
          3. Stukken betreffende de taxatie van nalatenschappen in verband met het successierecht
          4. Formulieren van eedsaflegging bij het aangeven van nalatenschappen in verband met de taxatie voor het successierecht
          5. Stukken betreffende geschillen over het successierecht tussen het gemeentebestuur, de erfgenamen en het gemeentebestuur van Amsterdam
        6. Belasting op trouwen en begraven
          1. Bekendmakingen betreffende de belasting op trouwen en begraven
          2. Bewijzen van onvermogen tot betaling van de belasting op het trouwen van Willem Cornelisse Visser en zijn bruid Jacoba Berkhoud Gerritschen, beiden afkomstig uit Aalsmeer
          3. Bewijs van onvermogen van de nabestaanden tot betaling van het middel op het begraven van Jan Jansen de Jong
        7. Belasting op turf
          1. Bekendmakingen betreffende de impost op turf
        8. Verponding
          1. Bekendmakingen betreffende het middel van de verponding
          2. Bekendmakingen inzake de door Amsterdam en Legmeer op te brengen omslag van de verponding
          3. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake de berekening van het middel van de verponding
          4. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het bevel tot opgave door de commissarissen tot het werk van de verponding aan de gemeentebesturen van het globale bedrag van de verponding welke voor het rijk ingevorderd moet worden
          5. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake vrijstellingen op het middel van de verponding
          6. Missiven van de landdrost van het departement Amstelland inzake de taxatie van onroerend goed in verband met het middel van de verponding
          7. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het transporteren van gronden met opstallen waarvan de verponding niet is voldaan
          8. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake de wijze van berekening van de verponding bij gedeeltelijke eigendomsoverdracht van een perceel
        9. Zegelrecht
          1. Missive van de landdrost en Assessoren van het departement Amstelland inzake de bedenkingen van de landdorst van Maasland tegen enige artikelen voorkomende in de ordonnantie van het klein-zegel
          2. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake toezicht op het behoorlijk gebruik van het middel van klein-zegel op akten
          3. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake de betaling van het recht op klein-zegel op vervreemding van onroerend goed
          4. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake registratie van overdracht van onroerend goed met vrijstelling van zegel
          5. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake vrijstelling van transport- en zegelkosten voor de verkoper van land en gebouwen aangekocht door Zijne Majesteit
          6. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake vrijstelling voor het gebruik van zegel voor de overboeking van onroerend goed van ouders op hun kinderen, of van kinderen op hun ouders
          7. Missiven van de landdrost van het departement Amstelland inzake het gebruik van klein-zegel bij boedelscheiding indien één der erfgenamen vaste goederen wordt toebedeeld en ten gevolge waarvan hij een uitkering moet doen aan de overige erfgenamen
          8. Missiven van de landdrost van het departement Amstelland inzake de voldoening van het recht van klein-zegel bij verkoop van een stuk land door meerdere eigenaren
          9. Missiven van de landdrost inzake het slechts doen zegelen van de eerste hypotheekakte in geval van het passeren van twee of meer afzonderlijke akten waarbij hypotheek wordt gevestigd op onroerend goed gelegen onder verschillende jurisdictiën
          10. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake een besluit van de Prins Algemeenen Stedehouder van Zijne Majesteit de Keizer om enige percelen op naam van B.G. Levy, weduwe van A. Levy, te registreren met betaling van de halve boete
          11. Missiven van de landdrost van het departement Amstelland inzake inzenden van een behoorlijk zegel voor de inkomsten door ambtenaren in 1810 genoten
    8. Openbare orde
      1. Missive van de prefket van het departement der Zuiderzee inzake het voeren van correspondentie met de Commissaris-Generaal over zaken die de rust en orde zouden kunnen verstoren
      2. Proclamatie waarin Willem Frederik Erfprins van Orange en Nassau etc. oproept tot medewerking van het volk van Nederland tot herstel van godsdienst- en andere vrijheden volgens de wettige constitutie, met begeleidend schrijven
      3. Keuren en een missive betreffende loslopende honden
      4. Bekendmaking betreffende hondsdolheid
      5. Keur betreffende het afbreken van gebouwen, dubbel
      6. Brief van J. Georg Grötsch waarin hij verzoekt om een pas
      7. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake het verstrekken van Cartes de Sureté aan seizoenarbeiders in plaats van paspoorten
      8. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake het behandelen als vagebonden en het arresteren van werklieden die niet van een behoorlijk zakboekje voorzien zijn
      9. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake het verstrekken van zakboekjes aan ambachtslieden
      10. Brief van F. W. Dresselhuys, wijkmeester in wijk 6, waarin hij meedeelt dat Cristiaan Groosaart niet in het bezit is van een akte van inwoning of van een bewijs van goed gedrag van Ouder-Amstel
      11. Brief van de dijkgraaf en heemraden van Nieuwer-Amstel inzake het houden van harddraverijen op het Grote Loopveld
      12. Brief van de schout aan de gemeenteraad, waarin hij vraagt om richtlijnen ten aanzien van het verlenen van vergunning voor muziek en dans in kroegen en herbergen, met bijlage
      13. Keuren betreffende de eerbiediging van de zondagsrust
      14. Keuren betreffende een verbod tot afschieting van vuurwerk, geweren en pistolen op of omtrent nieuwjaarsdag en op de verjaardag van hare Koninklijke hoogheid mevrouw de prinses van Orange en Nassau
      15. Stukken betreffende het afwijzend advies van de Agent van Inwendige Politie en Toezicht op den staat van Dijken, Wegen en Wateren, der Bataafsche Republiek over het illumineren van de Vrijheidsboom ter gelegenheid van de aanneming van de Staatsregeling
      16. Keuren, reglementen en bekendmakingen betreffende de nachtwacht
      17. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het organiseren van patrouilles en wachten die 's nachts de ronde doen in verband met de veiligheid in de gemeente
      18. Keuren betreffende het verbod tot vervoeren van goederen tussen zonsondergang en zonsopgang in verband met diefstal en heling
      19. Stukken betreffende het onderdrukken van ongeregeldheden door burger- of militaire korpsen
      20. Brieven van het provinciaal bestuur van Holland naar aanleiding van het verzoek van de municipaliteit om assistentie van de gewapende burgermacht uit Amsterdam na geruchten over een op handen zijnde oproer
      21. Uittreksel uit de notulen van het departementaal bestuur van de Amstel inzake een verzoek van de baljuw van Amstelland om assistentie van een compagnie Bataafse jagers ter bescherming van de inwoners van Amstelveen welke 's zondags door "stropers"...
      22. Stukken betreffende de voldoening van de kosten en het overleggen van een schriftelijke opdracht na verleende assistentie van een compagnie Jagers
      23. Bekendmaking betreffende plunderingen en onlusten
      24. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het reglement voor het Corps ter Recherche der middelen te lande tot voorkoming van smokkelarij
    9. Openbare veiligheid
      1. Keuren betreffende het onverantwoord varen onder bruggen en het rijden over wegen
      2. Keur tegen het hard rijden binnen Amstelland
      3. Keur en bekendmaking betreffende het redden van drenkelingen
      4. Keur betreffende een verbod tot hakken van bijten in het ijs in de Amstel en andere publieke wateren in verband met verdrinkingsgevaar
      5. Keur betreffende het hakken van bijten in de Amstel vanaf Overdorp tot aan het Groote loopvelt
      6. Stukken betreffende getuigenverklaringen door Willem Broedelet en Carel Bagman inzake het aantreffen van een gewonde vrouw, Aagje Kluys genaamd
      7. Keuren en bekendmakingen betreffende de brandweer
      8. Verzoekschrift van Dirk van Dam, assistent bij de brandspuit, om de brandmeesters Christoffel Herpel, Jan Kramer, Frederik Herpel en Christoffel Kersting, terecht te wijzen inzake hun handelwijze bij het benoemen van een nieuwe assistent bij de brandspuit
      9. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het aan de landdrost verstrekken van inlichtingen over ontstane branden
      10. Keuren betreffende het aanstellen van keurmeesters van hooi ter voorkoming van hooibroei
    10. Openbare zedelijkheid
      1. Keuren betreffende de clandestiene verkoop van bier en wijn
      2. Bekendmakingen betreffende loterijen
      3. Bekendmakingen betreffende de registratie van vreemdelingen tot wering van stropers, landlopers en vagebonden
    11. Openbare gezondheid
      1. Gezondheidszorg
        1. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het aanstellen van geneeskundigen
        2. Stukken betreffende het verzoek van Pieter de Meijer om zich als erkend chirurgijn in Amstelveen te mogen vestigen, met retroactum
        3. Staat van de personen aan kinderziekten overleden in 1810, naar aanleiding van een verzoek om informatie van de perfekt van het departement der Zuiderzee, afschrift
      2. Begraven
        1. Keur betreffende het begraven
        2. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake de aanleg van kerkhoven op circa 40 meter buiten de gemeenten en het verbod tot begraven in kerken of andere gesloten ruimten,1811. Met aantekening inzake begrafeniskosten
      3. Vuilverwijdering, stankoverlast en bouwvergunningen
        1. Keuren betreffende het ophalen van as en vuilnis
        2. Keuren betreffende watervervuiling veroorzaakt door allerlei afval
        3. Stukken betreffende een geschil tussen het gerecht en George Dommer inzake een vergunning tot het fabriceren van sublimaat, kamfer en borax in zijn chemische fabriek
        4. Keur betreffende stank- en dampoverlast van fabrieken en werkplaatsen
        5. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake het verbod tot het bouwen van fabrieken langs rivieren, kanalen, sloten en beken zonder toestemming van de minister van binnenlandse zaken
        6. Stukken betreffende een geschil tussen het departementaal bestuur en J. Homan, president van de municipaliteit, inzake zijn handelwijze ten aanzien van een verzoekschrift van A. Mulder om Schiebe te gelasten met het metselen van zijn oven te stoppen
        7. "Registers van rooyingen en inspectiën", registers van verzoekschriften tot het verkrijgen van bouwvergunningen, met de daarop genomen besluiten
          1. Met index van persoonsnamen (fragment)
          2. Met index van persoonsnamen
        8. Proces-verbaal van rooying en inspectiën, opgesteld door J. Vos, met gunstig advies voor de gemeenteraad inzake het verzoek van H. Stroombergen, tot het verleggen van een steiger voor de boerderij Rozenburg aan de Amsteldijk naar de hofstede Rozenburg
        9. Proces-verbaal van rooying en inspectiën, opgesteld door J. Vos, schout en opperbrandmeester, met gunstig advies voor de gemeenteraad inzake het verzoek van J.L. Reeser, wonende op Boslust aan de Overtoomseweg, tot het plaatsen van een fornuis
    12. Maatschappelijke zorg
      1. Bekendmakingen betreffende de organisatie van het armbestuur
      2. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake gratis hulpverlening aan armen in tijden van besmettelijke ziekten
      3. Keuren en bekendmakingen betreffende giften voor de armenkassen
      4. Register van rekeningen van de armmeesters
      5. Rekening van het gemeentelijke armenfonds
      6. Rapport van de armmeesters van de algemene armen gericht aan de Eerste Kamer van het Vertegenwoordigd Lichaam des Bataafschen Volks inzake het beheer van fondsen, schenkingen, obligaties en dergelijke tot onderhoud van de armen, afschrift
      7. Bekendmakingen betreffende een extra belasting ten behoeve van de armen
      8. Bekendmakingen betreffende de extra belasting op wijn, brandewijn en genever ten behoeve van de armen
      9. Stukken betreffende een collecte gehouden in wijk 2 en 7 ten behoeve van de armen
      10. Uittreksel uit een akte van overeenkomst tussen Fredericus Arnoldus Bernardus Hugenholtz en de armmeesters inzake de voldoening van de nog verschuldigde, door eerstgenoemde geïnde, armengelden
      11. Brieven van P. van den Daal, schoolmeester, waarin hij de municipaliteit verzoekt hem als armmeester te ontslaan
      12. Missiven van de landdrost van het departement Amstelland inzake de betaling van opcenten door de op restitutie van belasting aanspraak hebbende gestichten, godshuizen en armenkantoren
      13. Missiven van de prefekt van het departement der Zuiderzee met het verzoek om informatie over de voorschriften van het bestuur van de gods- en gasthuizen
      14. Missiven van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam met het verzoek om informatie over liefdadigheidsgestichten door particulieren beheerd
      15. Missiven van de prefekt van het departement der Zuiderzee met het verzoek om toezending van de rekening over 1811 van de gods- en gasthuizen
      16. Missiven van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake de borgstelling door ontvangers van gods- en gasthuizen
      17. Missiven van de prefekt van het departement der Zuiderzee met het verzoek om informatie over de staat van de gestichten van liefdadigheid, naar aanleiding van de maatregelen genomen door de Oostenrijkse regering ten opzichte van het amortiseren van de...
      18. Reglement voor het gereformeerd (Nederlands hervormd) weeshuis, met bekendmaking
      19. Brief van het bestuur van het diaconaal armwezen van het hervormd kerkgenootschap te Amstelveen inzake hun bereidwilligheid tot het onderhouden van hun behoeftige leden
      20. Stukken betreffende de erfdelen van E. Geerts, afkomstig uit de nalatenschappen van haar grootvader, B. Geerts, en van haar moeder E. Gutting, alsmede het verzoek van haar stiefvader N. van Doorn om haar in het gereformeerd wees- en armenhuis op te nemen
      21. Reglement voor het rooms-katholiek wees- en armenhuis
      22. Staat van achterstallige schulden van het rooms-katholieke armenfonds
      23. Akte, waarbij Francoise Angelique Gilles, douarière van Arnoldus Roest van Alkemade, effecten schenkt aan het rooms-katholiek wees- en armenhuis, afschrift
      24. Stukken betreffende de goedkeuring van het Vertegenwoordigend Lichaam des Bataafschen Volks inzake het verzoek van P. Straver en A. Turkenburg, opperarmmeesters van de Algemene Armen, tot verkoop van het aan de katholieke armen toebehorende stukje land
      25. Mandaat van J. de Graaff, ambachtsheer van Nieuwer-Amstel voor B. D. van Cortenhorst, secretaris, tot betaling van de helft van 119 gulden, afkomstig uit de verpachting van de gemene landsmiddelen, aan de predikant van Sloten ten behoeve van de armen
      26. Reglementen voor de lutherse armen
      27. Keuren en bekendmakingen betreffende akten van indemniteit
      28. Index van persoonsnamen op de ingekomen akten van indemniteit
      29. Ingekomen akten van indemniteit van Antje Gerrits van der Meer
      30. Akte van indemniteit afgeven door de remonstrantse gemeente te Rotterdam voor Claude Antoine Wacquet en Johanna Brakel
      31. Akten van indemniteit afgeven door het gemeentebestuur met borgstelling door particulieren, afschriften
      32. Brief van Jan Hoogveen aan de schout van Aalsmeer en Kudelstaart waarin hij verzoekt om een akte van indemniteit
      33. Missiven van de prefekt van het departement der Zuiderzee met het verzoek om informatie over vondelingen, verlaten kinderen en wezen
      34. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake kinderen welke op kosten van het publiek worden onderhouden en opgevoed
      35. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake een voorstel tot aanbesteding van kinderen op het platteland om zodoende te kunnen bezuinigen op de subsidies voor de armen
      36. Bekendmaking betreffende het verbod voor herbergiers en tappers om armlastige personen en weeskinderen te voorzien van sterke drank
      37. Missiven van de prefekt van het departement der Zuiderzee met het verzoek om informatie over de ondersteuning van behoeftigen naar aanleiding van de steeds toenemende bedelarij
      38. Brief van Gerrit Verheem inzake voorstellen tot alimentatie ten aanzien van zijn vrouw
      39. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee met het verzoek om informatie over instellingen ter verkrijging van lijfrente
      40. Bekendmakingen betreffende collecten voor slachtoffers van rampen
      41. Stukken betreffende de uitsluiting van de weeskamer van het beheer van de nalatenschappen van klaas van Huezen en Johan Ramien (ook wel Jan Romeyn genoemd)
    13. Kerkelijke zaken
      1. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake de overgang van alle kerkelijke betalingen van plaatselijke en andere publieke kassen naar de lands kas en het overgeven van het beheer van kerkgebouwen aan kerkelijke gemeenten
      2. Keuren betreffende de stoelen en vrije zitplaatsen in de kerk
      3. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam met het verzoek om informatie over nog bestaande inkomsten uit kerkelijke goederen
      4. Proces-verbaal inzake de goedkeuring door schout en schepenen van de rekening over 1600 opgemaakt door Lourens Claeszn. en Gerrit Janszn., kerkmeesters van het kwartier Bovenkerk
      5. Kwitantie van kerkmeesters voor P. van den Daal, koster, inzake de afdracht van het over 1791 ontvangen stoelengeld
      6. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake de verklaring dat de Hollands Hoogduits-Israëlitische gemeenten dezelfde rechten genieten als de overige ingezetenen
      7. Aantekening van de tekst van de eed van de Joodse natie
    14. Onderwijs
      1. Uittreksel uit een keizerlijk decreet van 18 oktober 1810 waarbij voor Nieuwer-Amstel een heffing van 2.000 gulden wordt vastgesteld, in verband met de oprichting van een schoolfonds, benodigd voor de vergoeding van onderwijzers
    15. Handel en nijverheid
      1. Stukken betreffende de door de municipaliteiten in te vullen vragenlijst inzake de daar aanwezige fabrieken, handel, scheepvaart en visserij
      2. Missiven van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam met het verzoek om informatie over ambachtslieden, fabrikanten en kooplui
      3. Stukken betreffende het beantwoorden van een vragenlijst van de Agent van Nationale Economie der Bataafsche Republiek inzake genootschappen en maatschappijen binnen de republiek
      4. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee met het verzoek om informatie over de staat van de gilden en corporaties
      5. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het opstellen van vaste regels tot het in dienst nemen van arbeiders in steden en plaatsen van het Rijk, die niet tot bestaande gilden behoren
      6. Uittreksel uit het Register der Decreeten van het Intermediair Wetgevend Lichaam des Bataafschen Volks inzake klachten van de ingezetenen over de municipaliteit en inzake een verzoek tot toelichting betreffende de afschaffing van gilden
      7. Bekendmaking betreffende de datum van de najaars beestenmarkt
      8. Bekendmaking betreffende de Uitreiking van een zilveren manenkam voor de grootst aangevoerde koppel paarden op de paardenmarkt
      9. Keuren betreffende het verbod om neringen of ambachten uit te oefenen zonder akten van patent (admissie)
      10. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het invullen van lijsten van afgegeven akten van patent
      11. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam met het verzoek om toezending van een naamlijst van gepatenteerde kooplieden en makelaars
      12. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake de afgifte van akten van patent voor stalhouders
      13. Keuren betreffende het gewicht, de verkoop en de zetting van brood
      14. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake de verplichting tot nakoming van de zetting van het brood voor hen die brood verkopen op markten
      15. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam met het verzoek om informatie over korenmolens
      16. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake de verkoop van een onbebouwd erf, liggende te Westzaandam aan de Zuiderwatering, waarop vroeger de molen Het Voolen gestaan had, door C. Brouwer aan C. Corver voor de som van 40 gulden
      17. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het tarief waarnaar de gezegelde consentbiljetten zullen worden uitgegeven ten behoeve van branders en distillateurs bij afgifte van de door hun naar de molen te zenden granen
      18. Brief aan het provinciaal comité van Holland waarin de municipaliteit vergunning vraagt voor Jan Stockelaer van Eijk om een genever- en brandewijnstokerij te Nieuwer-Amstel te beginnen, concept
      19. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake toestemming voor tappers van gedistilleerd om maximaal acht flessen of drie stopen drank in te slaan
      20. Missive van het departementaal bestuur van de Amstel inzake het toezenden van de Economische Courant aan herbergiers, sociëteit- en koffiehuishouders
      21. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake het voor rekening van het Rijk komen van de dienst der levensmiddelen en het ten gevolge daarvan benoemen van Loisel tot directeur en Marteau tot magazijnmeester van deze dienst
      22. Keur betreffende het verhuren van dienstboden
      23. Keuren betreffende de instructie voor turfdragers, -hevers, -tonsters en -vulsters
      24. Keur betreffende het steenzetten, kalk en tarras meten en dragen
      25. Keuren betreffende de maten en gewichten
      26. Missive van de landdrost en assessoren van het departement Amstelland inzake te treffen voorzieningen voor waaggebouwen alsmede met betrekking tot beloningen van waagmeesters en wegers
      27. Bekendmaking betreffende de registratie van ongemunt goud en zilver
      28. Missive van de landdrost en assessoren van het departement Amstelland inzake het in acht nemen van bepalingen voor de publieke verkoop van gouden en zilveren voorwerpen
      29. Certificaat voor het drukken van katoen, concepten
      30. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake de invoer van vlees, meel, brood en wijn
      31. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake de uitvoer van boter uit Frankrijk
      32. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het plaatsen van administratiekantoren van de douane in grensgemeenten
      33. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam met het verzoek om informatie over pandhuizen en banken van leningen
    16. Landbouw en veeteelt
      1. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het intrekken van bestaande keuren tot verbod van uitvoer van meststoffen buiten het district
      2. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee met het verzoek om informatie over de verbouw van suikerbieten
      3. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake de invoer van suikerbietenzaad
      4. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam met het verzoek om informatie over de verbouw van vlas en hennep
      5. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het aanstellen van keurmeesters van hop
      6. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee met het verzoek om informatie over het aantal paarden, runderen en schapen in het departement
      7. Bekendmaking betreffende voorzorgsmaatregelen tegen invoer van hoornvee in verband met de heersende runderziekte
      8. Brieven van de commissie der directie van het departement der Nationale Nederlandse Huishoudelijke Maatschappij inzake het keuren van waren, de contributie van leden en een verhandeling over rotkreupel bij schapen
    17. Jacht en visserij
      1. Bekendmaking betreffende het verbod om zonder vergunning te jagen en te vissen
      2. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake het verstrekken van vergunningen voor de jacht en visserij
      3. Instructies inzake het verstrekken van jachtvergunningen
      4. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake de sluiting van het jachtseizoen in het departement der Zuiderzee
      5. Proces-verbaal inzake het ongeoorloofd jagen van Abraham Reeringh, concept
      6. Keur betreffende het vissen met verboden vistuig
      7. Uittreksel uit de notulen van het departementaal bestuur van de Amstel inzake het opsturen aan de eerste Kamer van copieën van alle voormalige plaatselijke placaten, publicatiën, ordonnantiën of keuren tot voorkoming van het bederf der visserij
    18. Waterstaat
      1. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake het verbod tot het uitvoeren van reparaties en nieuwe werken op het gebied van de waterstaat, zonder voorafgaande goedkeuring van de directeur-generaal der bruggen en wegen
      2. Keuren en bekendmakingen betreffende de schouw over water, wegen en dijken
      3. Brief aan het Comité van Justitie inzake een uitnodiging tot het gebruiken van de maaltijd in de herberg Paardenburg aan de Amstel op 1 mei wanneer de voorjaarsschouw wordt verricht
      4. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake de wijze waarop en de fondsen waaruit de dijken binnen het koninkrijk zullen worden onderhouden
      5. Verordening inzake het plaatsen van nummerpalen door de dijkplichtigen van de Legmeerdijk
      6. Brieven van de poldermeesters van de Buitenveldertse polder inzake hun bezwaar tegen de eenmalige heffing van vijf stuivers per morgen, dienende tot verhoging van de landscheiding tussen de Noorderpolder en de Buitenveldertse polder
      7. Stukken betreffende aanmaningen voor de municipaliteit inzake de betaling van hun aandeel in de onkosten van de Ipeslotersluis
      8. Stukken betreffende het vernieuwen en repareren van de Legmeerbrug en van de sluis die daarbij hoort
      9. Vergunningen van de Staten van Holland en Westfriesland tot het bedijken van de Bovenkerkerpolder en de Middelpolder1629, afschrift 1687
      10. Akte van overeenkomst tussen de polderbesturen van de Bovenkerkerpolder en van de Thamerbinnenpolder inzake het onderhoud, vruchtgebruik en de schouw van de gemeenschappelijke dijk, afschrif
      11. Keur van de Buitenveldertse polder
      12. Keur van de Over-Amstelpolder
      13. Bekendmakingen betreffende het verbod om turf te steken zonder vergunning onder andere ter bescherming van de Bovenkerkerweg tegen het Legmeerwater
      14. Dagvaarding van het Hof van Holland voor poldermeesters tot het bedijken van de Bovenkerkerpolder inzake hun geschil met het gerecht van Nieuwer-Amstel over de kosten van de door dit gerecht gehouden openbare veiling van de op de velden staande gewassen
      15. Akte van verpachting ten overstaan van het gerecht ten behoeve van het polderbestuur van de Buitendijkse Buitenveldertse polder van grasgewassen en viswater
      16. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement van Amsterdam met het verzoek om informatie over veenderijen
    19. Verkeer en verkeersmiddelen
      1. Stukken betreffende het verzoek om informatie over de wegen en tollen
      2. Akte van verpachting ten overstaan van schout en schepenen van de tol ten noorden en ten zuiden van het dorp en op de Ouderkerkerlaan voor de tijd van drie dagen vóór en drie dagen ná de paardenmarkt
      3. Stukken betreffende het bestraten van de Amsteldijk vanaf Amsterdam tot aan Ouderkerk en het plaatsen van een tolhek op deze dijk bij de Bergevaarderskamer
      4. bekendmaking betreffende het onderhouden van de straatweg in het dorp
      5. Akte van overeenkomst tussen de dijkgraaf en heemraden van Nieuwer-Amstel met de stad Amsterdam en de eigenaren van landerijen en huizen langs de Overtoomseweg inzake het onderhoud van deze weg
      6. Uittreksel uit het register der resolutiën van den Agent van Inwendige Politie op den staat van dijken, der Bataafsche Republiek inzake de slechte toestand van de Amsteldijk vanaf de Rode paal onder de jurisdictie van Thamen tot aan Ouderkerk
      7. Brief van de dijkrechter en hoogheemraden van Amstelland inzake het herstellen van de postweg van Alphen tot Amsterdam vanaf de paal van Aalsmeer, Pauwenhoek genaamd, tot aan de paal van Amsterdam, Vrije Noordveen genaamd
      8. Stukken betreffende het herstel van de storm- en waterschade in de Rietwijkeroorderpolder en aan de postweg van Amsterdam naar Alphen
      9. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake het laten repareren van straten ten koste van de eigenaars
      10. Keuren en bekendmakingen betreffende het vernielen en opnieuw planten van bomen langs de wegen
      11. Keuren en bekendmakingen betreffende het veer van Amstelveen en de Hand van Leyden, en na het besluit, gearresteerd op 18 januari 1798, genaamd het veer van Amstelveen, de hand van Leyden en Bovenkerk op Amsterdam
      12. Uittreksels uit de resoluties van de municipaliteit betreffende de handelsbevoegdheid voor de commissie tot zaken met Amsterdam inzake de veren van Amstelveen en van de Overtoom en het Nesserveer
      13. Brieven van het comité van Algemeen Welzijn der stad Amsterdam waarin de municipaliteit gelast wordt Dirkje Wolters, weduwe van Antonie Dintelaar, toestemming te verlenen om met haar schuit van Nieuwer-Amstel op Ouderkerk en de Nes vica versa te varen
      14. Keur betreffende het verbod voor vreemde veerschippers om passagiers te vervoeren ten nadele van de schippers van het veer van de Nes op Amsterdam
      15. Uittreksel uit de resoluties van 1716 betreffende een verzoek van Jacob van Nuijs en Klaas Symonse om een veerdienst op Amsterdam te mogen exploiteren
      16. Bekendmaking betreffende het niet navolgen van het reglement van de trekjagers
      17. Vergunning tot vrije doorvaart afgeven door burgemeesters en regeerders van Amsterdam voor Jan van Duyvenboode, schipper van Callantsoog
      18. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake de benoeming van Van den Houte tot requestmeester belast met de dienst der bruggen en wegen in de Hollandse departementen
      19. Keur betreffende het op- en neerhalen van de Noorddammerbrug
    20. Militaire zaken
      1. Stukken betreffende het beleg van Amsterdam door prins Willem II
      2. Bekendmakingen betreffende de gewapende burgermacht
      3. Stukken betreffende het verzoek om informatie over de gewapende burgermacht
      4. Missive van het comité ter organisatie der gewapende burgermacht in Holland inzake toezending van naamlijsten van manschappen die voor de gewapende burgermacht in aanmerking komen
      5. Uittreksel uit de notulen van het departementaal bestuur inzake het gezamenlijk dragen van de kosten door de gemeentebesturen voor de verzorging van lokalen en vergaderzalen van de raden van administratie en discipline van de gewapende burgermacht
      6. Staat van contributie voor de gewapende burgermacht
      7. Staat van inwoners opgemaakt in verband met de gewapende burgermacht, fragment
      8. Missive van de commissaris van het uitvoerend bewind bij het departementaal bestuur van de Amstel inzake verzoek tot opgave van mishandelingen van manschappen behorende tot de gewapende burgermacht
      9. Reglement voor staatstroepen te voet en te paard
      10. Bekendmakingen betreffende werving van manschappen voor het leger
      11. Stukken betreffende de levering van manschappen voor de marine in verband met de verplichte krijgsdienst (conscriptie)
      12. Lijsten van conscrits, met bijlage
      13. Stukken betreffende het door loting vormen van een contingent van 380 man uit het departement van de Amstel voor het Bataafsche mobiele burger corps
      14. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het formeren van compagnieën kanonniers-kustbewaarders
      15. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam met het verzoek om informatie over de in actieve dienst zijnde kust-kanonniers
      16. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake de onkosten voor vrijwilligers voor het leger
      17. Stukken betreffende de in 1799 gedurende één campagne gevorderde paarden en wagens en de daarvoor uitgekeerde schadeloosstelling
      18. Bekendmakingen betreffende schadeloosstelling na de inval van de Pruisen
      19. Stukken betreffende de levering van brandstoffen, levensmiddelen en fourage aan militairen
      20. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake de aanbesteding van leveranties van lakens, tricot en linnen aan het leger
      21. Missiven van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake de betaling van levensmiddelen en fourage voor de troepen
      22. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het contract door de minister van oorlog aangegaan met J.H. Gunningh tot leverantie van levensmiddelen en andere benodigdheden voor het leger, hospitalen en militaire wachten gedurende 1809
      23. Uittreksel uit de notulen van het departementaal bestuur van de Amstel inzake het aanstellen van W.C. van Wijk als aannemer van de leverantie van fourage ten behoeve van de Bataafse troepen in plaats van A. Booy
      24. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake de opsomming van plaatsen waar levensmiddelen met inbegrip van genever aan militairen mogen worden uitgedeeld
      25. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het verstrekken van gepelde gerst in plaats van rijst aan het leger
      26. Uittreksel uit het register der resolutiën van het intermediair administratief bestuur van het voormalig gewest Holland inzake uitreiking van turf aan de wacht van de Franse en Bataafse troepen
      27. Missiven van de landdrost van het departement Amstelland inzake de inkwartiering van de officieren en soldaten
      28. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam met het verzoek om informatie over inkwartiering
      29. Brief van de commissaris van oorlog inzake inkwartiering van vier compagnieën van het Nationale Regiment Husaren
      30. Missiven van de landdrost van het departement Amstelland inzake vrijstelling van militaire inkwartiering voor bekleders van het geestelijke ambt
      31. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake declaraties ten laste van het ministerie van oorlog van particulieren, schippers en voorlieden wegens geleverde artikelen, bewezen diensten of het hebben van inkwartiering
      32. Aantekening betreffende het door Christiyan Groosaart verhuren van een koepel op Slotzicht aan kapitein C. Peters
      33. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake de vrijstelling van tol-, brug-, weg-, straat- of poortgeld voor militairen of ambtenaren belast met het transport van militairen zaken, indien zij in het bezit zijn van reispassen
      34. Brief van de kolonel der gewapende burgermacht en de luitenant-kolonel van het bataljon jagers in het departement van de Amstel inzake hun klacht over het onwillige en brutale gedrag van de pachter van de tol op de Amsteldijk onder de jurisdictie van...
      35. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het doen kennis geven van het overlijden van een gepensioneerd of bezoldigd officier, onderofficier of soldaat aan het ministerie van oorlog, alsmede aan de directeur-generaal der publieke...
      36. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het aanleggen door de gemeentebesturen van registers van gepensioneerden
      37. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake vergunning tot inwoning voor militairen met hun gezinnen in het bezit van een akte van pensioen of een akte van reforme
      38. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake de verplichting van de zeeprefekt in het arrondissement Holland tot het verstrekken van inlichtingen over gepensioneerden behorende tot het ministerie van marine aan de gemeentebesturen
      39. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het ontdekken en het tegengaan van desertie
      40. Bekendmaking betreffende het aangeven van deserteurs
      41. Bekendmaking betreffende een extra omslag voor het aanleggen der batterijen
      42. Stukken betreffende personen die zich naar Den Helder moeten begeven om werkzaamheden voor het Franse leger te verrichten, ingevolge aanschrijvingen van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam
      43. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake de benoeming tot commissarissen van oorlog in het departement Amstelland tot het voeren van de militaire administratie
      44. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake bezwaar tegen vrijstelling van het dienstbodengeld en goedkeuring tot vrijstelling van het recht op patent voor de jacht voor jagtofficieren en koninklijke jagers
      45. Bekendmaking inzake het met militaire eer begraven van Cornelis Joolemans, gewezen kanonnier
      46. Brief van de luitenant-kolonel van het bataljon jagers in het departement van de Amstel inzake assistentie van een detachement cavalerie in verband met de executie van het vonnis van luitenant P.G. Coutrel
      47. Missive van de luitenant-kolonel van het bataljon jagers in het departement van de Amstel inzake het gezamenlijk met de officieren van bovengenoemd bataljon en de municipaliteit hebben van een feestmaal in verband met de viering van de nationale feestdag
      48. Brief van C.J. Keuchenius, kapitein in het Franse leger, waarin hij de municipaliteit vraagt om een onderhoud
      49. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake de ontbinding van het ministerie van oorlog
    21. Justitie en notariaat
      1. Stukken betreffende beschuldigingen en verdachtmakingen van diverse personen, met procesverbalen
      2. Brief aan het comité van Justitie over de verhoren, afgenomen van Anna Walkers inzake de door haar gepleegde diefstallen
      3. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake overtredingen van de wet op de wegen, sloten, kanalen, rivieren, jaagpaden en openbare kunstwerken
      4. Bekendmaking betreffende beslaglegging op goederen
      5. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het aan de eigenaars terug geven van gekaapte schepen, welke met toestemming van de Koning uit havens van het rijk zijn vertrokken
      6. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam met het verzoek om informatie over gevangenissen
      7. Missive van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake het inrichten van een lokaal tot gevangenis van de plaatselijke politie
      8. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam met het verzoek om informatie over gevangenen en krankzinnigen
      9. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake de handelwijze van Franse militairen of douaniers ten aanzien van gearresteerde personen
      10. Reglement betreffende de kosten van gijzelen en detineren ten bate van herbergiers en tappers
      11. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam met het verzoek om informatie over de aanbesteding van het onderhoud der gevangenen
      12. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam met het verzoek om kandidaten op te geven die geschikt zijn om als cipier te worden aangesteld
      13. Reglementen voor de rechtbank
      14. Bekendmaking betreffende de aanstelling van de leden van het comité van justitie
      15. Reglement van orde voor de municipaliteit en het comité van justitie, alsmede de instructie voor de civiele aanklager, met afschrift van laatstgenoemde instructie
      16. Uittreksel uit het register der besluiten van het departementaal bestuur van Holland inzake de benoeming van Jan Kip en Pieter Straver tot leden van het comité van justitie
      17. Brief van A.J. Deiman aan het comité van justitie, waarin hij zijn ontslag als adviseur aandient
      18. Keur betreffende het daggeld van procureurs
      19. Missive van de landdrost van Amstelland inzake opgave van rechtbanken, hoofdofficieren, baljuwen en lager justiële ambtenaren van het bekleden van meer dan één ambt en de daardoor onderscheiden traktementen genoten uit de publieke schatkist
      20. Missiven van de keizerlijke procureur inzake de aanstelling van de heer Nolst tot uitvoerder van een keizerlijk decreet tot inzameling van gezegelde juridische stukken op de griffies en in archiefbewaarplaatsen in jurisdicties van de gemeenten
      21. Missiven van de prefekt van het departement der Zuiderzee inzake het inrichten van lokalen voor vierscharen en vredegerechten
      22. Missive van G.A. de Genestet inzake de installatie van het vredegerecht
      23. Staat van de verdeling van het departement der Zuiderzee in cantons waarin zich een vredegerecht bevindt
      24. Register van processen-verbaal inzake de overdracht van juridische stukken aan de rechtbank van eerste aanleg te Amsterdam
      25. Missive van de president in den Hove van Justitie over het voormalig departement Holland inzake een gebod tot het laten vertalen in het frans van alle criminele stukken door beëdigde vertalers
      26. Missiven van de prefekt van het departement der Zuiderzee met het verzoek om toezending van een nominatielijst van gezworenen voor het Hof van Assissen
      27. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het verlenen van akten van admissie tot het uitvoeren van het notarisambt
      28. Missive van de landdrost van het departement Amstelland inzake het niet benoemen van notarissen zonder vacature
      29. Missive van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam met het verzoek om een lijst met handtekeningen van notarissen toe te zenden om deze te kunnen legaliseren
      30. Brief aan H. Helder waarin hem medegedeeld wordt zijn akte van aanstelling als notaris aan de president van de municipaliteit te tonen, concept
      31. Sollicitatiebrieven van H.A. Kouwen, A.H. van der Mersch jr en J.D. Nordingh Wilree in verband met een vacature van notaris/procureur
      32. Brief van de Agent van Justitie der Bataafsche Republiek inzake de boedel van de afgezette en voortvluchtige notaris Frederik Theodore Korff
      33. Verzoekschriften van J. Commelin, sekwester over de boedel van J. Huurt, aan schepenen van Amsterdam om een huis aan de Amstel, te mogen executeren ten overstaan van het gerecht van Amstelveen, ter voldoening van een schuld aan de erfgenamen van C. Both
      34. Verzoekschrift van mr Hendrik Bartijn Luijken aan schepenen van Amsterdam om hem te benoemen tot curator en sekwester over de nalatenschap van mr Cornelis Graafland de Jonge, met gunstige beschikkingen, authentiek afschrift
      35. Brief van de procureur van de desolate boedelkamer der stad Amsterdam waarin hij meedeelt dat de boedel van Harmanus Hartgering in bewaring is genomen
      36. Uittreksel uit het register der besluiten van de Eerste kamer van het vertegenwoordigend lichaam inzake een geschil tussen de executeurs van het testament van J. van Meekeren en de municipaliteit over het verbouwen van het gebouw Fort de Eendracht
      37. Akte van volmacht ten overstaan van het comité van justitie voor de secretaris en advocaat Engert te Wertheim, tot afwikkeling van een proces ten gevolge van het aangevochten testament van Johan George Grotsch ten behoeve van zijn erfgenamen Anna...
    22. Varia
      1. Bekendmaking van de landdrost van het departement Amstelland waarin zijn bezoek wordt aangekondigd
      2. Bekendmaking van de onder-prefekt van het arrondissement Amsterdam inzake de aankondiging van een bezoek van de intendent van binnenlandse zaken
      3. Stukken betreffende het vieren van een feest ter gelegenheid van de geboorte en de doop van de Koning van Rome

Archief van de ambachten Rietwijk, Rietwijkeroord en Rietwijkeroorderpolder, 1637-1811

  1. Stukken van algemene aard
    1. Akten
      1. Testamenten ten overstaan van Willem Dolleman, notaris bij het hof van Holland, van Geertje, Jan, Pieter en Cornelis Blok, minuten
      2. Testamenten ten overstaan van Willem Dolleman, notaris bij het hof van Holland, van Gerrit Meyman, alsmede een akte van scheiding en deling en een boedelinventaris, minuten
      3. Testament ten overstaan van Willem Dolleman, notaris bij het hof van Holland, van Jan Blok en Pietertje Jansz. Stip, echtelieden, minuut
      4. Inventaris opgemaakt door schout en schepenen van Rietwijkeroord van de nalatenschap van Pietertje Stip, weduwe van Jan Blok
      5. Testament ten overstaan van Willem Dolleman, notaris bij het hof van Holland, van Pieter Blok, minuut
      6. Testament ten overstaan van Willem Dolleman, notaris bij het hof van Holland, van Tijs Meyman, minuut
      7. Testament ten overstaan van Willem Dolleman, notaris bij het hof van Holland, van E.E. Matthijs Meyman en Alide van Veen, echtelieden, minuut
      8. Testament ten overstaan van Willem Dolleman, notaris bij het hof van Holland, van Harremans jurriaansz. en Jacoba van der Clos, echtelieden, minuut
      9. Testament ten overstaan van Willem Dolleman, notaris bij het hof van Holland, van Jacobus van Bijleveld en Claasje van der Clos, echtelieden, minuut
      10. Akte van overdracht ten overstaan van Willem Dolleman, notaris bij het hof van Holland, door E.J. Blok aan zijn broer Pieter van een obligatie, ter waarde van 10.000 gulden, staande ten laste van het Land van Holland en West-Friesland, minuut
      11. Akte van transport ten overstaan van W. Dolleman, notaris bij het hof van Holland, door G. Blok aan haar broers Pieter en Jan, van een huis met land, gelegen te Demmerik, alsmede twee kampen land, gelegen als bovengenoemd voor de som van 8o gulden, minuut
      12. Akte van huwelijkse voorwaarden ten overstaan van Willem Dolleman, notaris bij het hof van Holland, van Gerrit van Zijl en Geertje Blok, minuut
      13. Akte van dècharge ten overstaan van Willem Dolleman, notaris bij het hof van Holland, voor Pieter Blok, Pieter Buijs en Jan van der Swaard als voogden over de destijds minderjarige Aagje van der Beek, thans echtgenote van E.E. Cornelis Albertsz., minuut
      14. Testament ten overstaan van Willem Dolleman, notaris bij het hof van Holland, van Gerrit van Gorzeling en Mijntje Bouwman echtelieden, minuut
      15. Akten van veiling van roerende goederen ten overstaan van schout en schepenen, minuten
      16. Uittreksel uit het register van vrijwillige verkopingen van vaste goederen inzake de veiling van een boerderij gelegen in Rietwijkeroord en een partij veenakkers in de Buitendijkse Buitenveldertse polder toegewezen aan J. Haase, I. Valk en M.C. Carré
    2. Ingekomen en uitgaande stukken
      1. Ingekomen missiven van de landdrost van het departement Amstelland, met minuten van uitgegane stukken
  2. Stukken betreffende bijzondere onderwerpen
    1. Verkiezingen
      1. Blanco inschrijfformulier voor het Nationaal Stemregister
    2. Bevolking
      1. Akten van ondertrouw ten overstaan van de municipaliteit van Rietwijk en Rietwijkeroord van Gerrigje van Wetten met Willem Buys en van Cornelia Verhage met Teunis Zijtveld, met retroactum
      2. Ingekomen formulieren houdende verklaringen van de secretaris van Amstelveen, dat de huwelijksgeboden van personen woonachtig in Rietwijkeroord te Amstelveen zijn afgeroepen
      3. Circulaire van het departementaal bestuur van de Amstel houdende voorschriften ten aanzien van huwelijks voltrekkingen
    3. Comptabiliteit en financiële aangelegenheden
      1. Rekening van het ambacht, met staat houdende effecten toebehorende aan het ambacht en de armen, concepten
      2. Brief van de schout aan de schout en secretaris van Heemstede (heer van Rietwijkeroord) inzake de benoeming van gecommitteerden tot het opnemen van de rekening
      3. Kwitantie van Cornelis van Beyeren voor geleverde drank aan poldermeesters
    4. Belastingen
      1. "Kladboek van Rietwijk en Rietwijkeroordt", register houdende kladaantekeningen van diverse belastingen
      2. Kwitantie voor Cornelis Pietersz. Blok voor de betaling van de impost op het begraven van zijn kind
      3. Bewijs van onvermogen van Aalst Mor tot betaling van het middel op het begraven bij de begrafenis van haar kind Neeltje
      4. Staat van de dorpsomslagen van Rietwijkeroord
      5. Stukken betreffende het door Gerrit Jonkman verschuldigde achterstallige molen- en morgengeld over zijn land gelegen in de Rietwijkeroorderpolder
      6. Rekening van de verponding en het morgengeld over 1800 en van de 100ste en 200ste penning over 1801, met borderel
      7. "Gaarboeken van de schaartalen over Rietwijkeroord", register van schaartalen
      8. Akte van taxatie ten overstaan van schout en schepenen van de nalatenschap van Pieter Blok, in verband met het successierecht, minuut
      9. Akte van taxatie ten overstaan van schout en schepenen van de nalatenschap van Maria Overspeldt, weduwe van Jan Brikkenaar van Dijk, in verband met het successierecht, minuut
    5. Maatschappelijke zorg
      1. "Duplicaat Armeboekje van Rietwijkeroord", register van rekeningen van de armmeesters van Rietwijkeroord
    6. Militaire zaken
      1. Lijst van inwoners van Rietwijkeroord, vermoedelijk opgemaakt in verband met de gewapende burgermacht
      2. Stukken betreffende een proces-verbaal opgemaakt door kapitein Valter inzake de taxatie van de vergraven landerijen in verband met de aanleg van de fortificaties
    7. Justitie
      1. Verzoekschrift van P.A. de Génestet, procureur voor het comité van justitie, aan de municipaliteit van Rietwijk en Rietwijkeroord, tot het verkrijgen van akte van admissie om als procureur voor het comité van justitie aldaar werkzaam te kunnen zijn...
      2. Stukken betreffende een rechtzaak van Lambertus Overmans tegen Petronella Jansz. Stip, weduwe van Jan Blok, dienende voor de vierschaar te Rietwijk en Rietwijkeroord, vermoedelijk een geldkwestie
    8. Waterstaat
      1. Notulen van het polderbestuur van de Rietwijkeroorderpokder
      2. Rekeningen van de poldermeesters van de polder Sloten en Rieck (Rietwijkeroord)
      3. Borderel van de rekening van 1807 van de Rietwijkeroorderpolder
      4. Missive van het hoogheemraadschap van Rijnland aan de schout en poldermeesters van de polder onder Rietwijk inzake het aan de landdrost toezenden van authentieke afschriften van alle reglementen met betrekking tot het beheer van dijken, kaden of wegen
      5. Akte van overeenkomst tussen het polderbestuur van de Oosteinder- of Schinkelpolder onder Aalsmeer en die van de Rietwijkeroorderpolder inzake het onderhoud van de kade gelegen tussen bovengenoemde polders, concept
      6. Verzoekschrift van de schout van Rietwijk en van de poldermeesters van de Rietwijkerbuitenpolder aan het hoogheemraadschap van Rijnland om de Kadijk te mogen verleggen om de overstromingen van het Haarlemmermeer tegen te gaan, afschrift
      7. Stukken betreffende het herstel en onderhoud van de door een storm op het Haarlemmermeer in 1801 gedeeltelijk weggeslagen Kadijk
      8. Stukken betreffende een geschil tussen het bestuur van de Riekerpolder (Rietwijkeroorderpolder) en de schepenen en kerkmeesters van Sloten en schepenen van Osdorp over het onderhoud van het sluisje in de Riekerpolder
      9. Rapport van de gedreven schouw
      10. Brief van M. Hanenburg, lid van het polderbestuur van Sloten en Rietwijk, aan de secretaris van Heemstede (heer van Rietwijkeroord) inzake het toezenden van schouwbiljetten