Maandag 29 november wordt een begin gemaakt met de herinrichting van de Schatkamer. Eerst worden de documenten verwijderd, vervolgens worden de vitrines schoongemaakt en daarna komt het grootste deel van de documenten weer terug, maar volgens een nieuwe rangschikking. Een aantal stukken gaat dus terug in depots Die mochten namelijk niet langer aan het licht worden blootgesteld.
Volgend jaar start de tweede fase van de herinrichting, als in januari en februari de nieuwe teksten gereed zijn op basis van een vereenvoudigde thematische indeling. De officiële heropening is voorzien in maart.
Uiteraard kunt u de architectuur van de Schatkamer blijven bewonderen. De presentatie Woutertje Pieterse getekend door Jan Kruis is nog de hele kerstvakantie te zien. De Filmzaal die aan de Schatkamer grenst blijft permanent toegankelijk. In december draaien daar twee nieuwe producties: Amsterdam in de jaren ’90 en Kijk in het IJ.
![]() |
Het gebouw van Opleidingsinstituut Zorg en Welzijn van de Vrije Universiteit, gezien vanuit de Buitenveldertselaan. Foto: Doriann Kransberg |
Wat opvalt is dat er steeds meer te doen is in het gebied, met vooral ook veel sportieve activiteiten. In maart was er de ‘Hakken/Pakken Run’, in april de ‘Zuidas Run’ en op 10 mei startte een etappe van de Giro d’Italia op de Gustav Mahlerlaan. Op grote schermen kon in februari de Olympische Spelen en in juni het WK Voetbal worden gevolgd.
![]() |
Wielrenners op de Gustav Mahlerlaan, voorafgaand aan de start van de Giro d'Italia. Foto: Doriann Kransberg |
Mooie architectuurfoto’s ontbreken ook deze keer niet, van onder andere de nieuwe synagoge van de Liberaal Joodse Gemeente, het Opleidingsinstituut Zorg en Welzijn van de Vrije Universiteit, het appartementengebouw Django Building en de Cross Towers, het kantoorgebouw van Ernst & Young.
![]() |
Gezicht op de achterzijde van kantoorgebouwen aan de Barbara Strozzilaan, gezien vanaf de ingang van Cross Towers. Foto: Doriann Kransberg |
De moderne architectuur inspireert onze fotografen ook tot het maken van foto’s van de gevels. Dit levert prachtige abstracte beelden op waarbij de structuur van de gebouwen mooi in beeld wordt gebracht.
Dit prachtige bedrijfsarchief is in 2009 aan het Stadsarchief geschonken en de inventaris met de eerste scans staan nu online. Het archief bevat documenten waaruit de geschiedenis van het bedrijf spreekt van de oprichting in 1913 tot de opheffing in 1980. Naast geschreven documenten is er ook veel beeldmateriaal in te vinden: brochures en foto’s van de bedrijfspanden, van showmodellen en van de medewerkers. Bijzonder zijn ook de stukken met informatie over het productieproces, waaronder borduursjablonen en tekenvoorbeelden. En één van de leukste documenten is een register waar talloze kraaltjes, pareltjes en pailletten zijn ingenaaid en bij ieder monster staan kleur en maat genoteerd. Zo zijn er de ‘lichte sphinx van 3 mm doorsnede’, de ‘rose pfeifer van 5 mm’ en niet minder dan 16 varianten gouden pailletjes.


Pers en publiek smullen ervan. Hoofdinspecteur J. Vrijburg geeft soms wel drie persconferenties per dag en de kranten publiceren elk snippertje nieuws, met het door de politie beschikbaar gestelde illustratiemateriaal. ‘De tips in deze zaak zijn bijna uitsluitend te danken geweest aan journalisten,’ zegt hij later tegen de Volkskrant. Als uit andere aanwijzingen in de koffer blijkt dat de vermoorde man de Japanse zakenman Yutaka Kameda moet zijn, komt het ANP als eerste met een foto.
Als collega en hoofdgetuige Okagaki Takeshi vlak voor verhoor een auto-ongeluk krijgt, loopt het onderzoek naar de koffermoord vast. Andere getuigen, zoals werknemers van Kameda’s bedrijf, kunnen of willen de politie niet verder helpen. ’Het grootste criminele mysterie sinds 1939’, zoals De Telegraaf de zaak noemt, loopt volgens de politie stuk op Japanse zwijgzaamheid.
De redactie van Ons Amsterdam besloot tot deze actie omdat van ontelbare panden in de Historisch Topografisch Atlas foto's van de gevels aanwezig zijn en zo ook van straatwanden. Maar hoe zagen al die huizen en gebouwen er van binnen uit? Oude interieurfoto's waren zeker in 1999 nog behoorlijk schaars in de collectie.
Er waren twee typen uitzonderingen: rijke en standsbewuste Amsterdammers pronkten vaak graag met hun schitterende woonvertrekken en lieten die soms door een beroepsfotograaf vereeuwigen. Daarnaast bleven er ook foto's en tekeningen bewaard van het andere uiterste van het spectrum: van kelderwoningen en andere krotten en sloppen. Om de erbarmelijke woonomstandigheden in de oudste delen van de stad aan de kaak te stellen werden veel van de eerste interieurfoto's gemaakt.
Maar van de interieurs van de huizen van al die Amsterdammers die niet extreem rijk of extreem arm waren, zijn in archieven nauwelijks opnamen te vinden. Hoe zagen de huiskamers, slaapkamers en keukens van de Amsterdamse schoenmakers, kruideniers, onderwijzers, predikanten, kantoorbedienden en hun gezinnen er vroeger uit? Foto's daarvan waren met een lantaarntje te zoeken en nog altijd is de spoeling dun. Niet verwonderlijk, want tot in de jaren zestig waren fototoestellen voor velen te duur.
De oproep aan de lezers van Ons Amsterdam leverde 363 foto's op, vaak toegelicht in uitvoerige brieven. Zoals te verwachten waren ze meestal gemaakt bij bijzondere gebeurtenissen, zoals verjaardagen, geboortes, huwelijken of kerstvieringen.
De inventaris van het archief van de gemeente Diemen is opgenomen in de Archiefbank van het Stadsarchief Amsterdam. Dat is het resultaat van een samenwerkingsovereenkomst tussen de gemeente Diemen en het Stadsarchief Amsterdam. Voor het bestuderen van de onderliggende stukken zelf blijft vooralsnog het archief in Diemen het adres, maar iedereen kan nu thuis via het web bekijken waaruit het archief bestaat.
De gemeente Diemen beschikt over een archiefbewaarplaats die aan alle eisen voldoet, maar het archief heeft een beperkte bekendheid bij het publiek, omdat het tot voor kort niet digitaal ontsloten was. Diemen heeft zelf geen gemeentearchivaris. Op advies van de Provinciale Archiefinspectie is de gemeente Diemen in gesprek gegaan met het Stadsarchief Amsterdam. Dat heeft tot de huidige afspraken geleid. Behalve dat de digitale ontsluiting van Diemens materiaal beter wordt, kunnen medewerkers van de gemeente Diemen deelnemen aan het kennisnetwerk van het Stadsarchief. Het Stadsarchief gaat ook helpen met het bewerken en overbrengen van gemeentelijke dossiers naar de archiefbewaarplaats van Diemen.
![]() |
Wethouder Jeannette Pietersen van de gemeente Diemen en Marens Engelhard, directeur van het Stadsarchief Amsterdam (foto Doriann Kransberg) |
Verantwoordelijk wethouder Jeannette Pietersen die de afspraken bij een werkbezoek aan het Stadsarchief bekrachtigde: “Dit is weer een mooie stap in de ontsluiting van historisch materiaal over onze gemeente. Op deze manier kunnen we de beschrijving van de Diemer historie weer een impuls geven. Dat is belangrijk, want de cultuurhistorie van een dorp kan echt een samenbindend effect hebben”.
Alle publiciteit heeft veel reacties opgeleverd: mensen op de pasfoto’s van onderduikers en verzetsmensen werden herkend. Die reacties hebben ervoor gezorgd dat twee opdrachtgevers van Johan van Dijk inmiddels geïdentificeerd zijn. De belangrijkste is Jan Hemelrijk, die Johan kende onder zijn schuilnaam ‘Jongejans’, die samen met Bob van Amerongen de groep ‘PP’ leidde. Een kleine groep verzetsmensen die zich vooral bezighield met het verzorgen van onderduikers. Karel van het Reve en zijn latere vrouw Jozina (Tini) Israel maakten eveneens deel uit van deze groep.


Jacob Hemelrijk (links), rector gymnasium Murmellius te Alkmaar, vader van verzetsman Jan Hemelrijk (‘Jongejans’) (rechts).
![]() |
Woningkaart van Kruitberg 317 |
Naar aanleiding van de advertentie kregen we al wel vragen om de woningkaarten zo snel mogelijk te kunnen raadplegen. Want voor veel onderzoek bieden deze kaarten aanknooppunten die elders niet te vinden zijn. Zo biedt dit bestand een prachtig beeld van de geschiedenis van bebouwing en bewoning tussen 1953 en 1989. Denk bijvoorbeeld aan de Westelijke tuinsteden en de Bijlmer.
Is de index nu helemaal compleet? Nee, dat is hij niet. U hebt nog een kleine aanvulling van ons tegoed. In de index kunt u nog niet zoeken op kaarten met afwijkende adressen, zoals kaarten van woonboten, woonwagens en bouwketen. Woonboten bijvoorbeeld kunnen zijn gerubriceerd op ligplaats of op naam van de schipper. En ook de kaarten van adressen die na annexatie zijn gewijzigd moeten nog worden verwerkt. Dat betreft onder meer adressen in Buiksloot, Nieuwendam en Sloten. Verwerking van deze bijzondere adresgegevens in de index is handwerk en dat kost nog even tijd.
Van Ledden Hulsebosch was de zoon van een apotheker, die incidenteel politie adviseerde bij onderzoek naar onder meer vergiftigingen. In 1902 neemt hij de apotheek en de opdrachten van de politie van zijn vader over. Zijn hart ligt echter vooral bij de politie en in 1910 besluit hij te stoppen met zijn apothekerswerkzaamheden en zich volledig te richten op het politiewerk. Vanaf nu heet de zaak aan de Nieuwendijk ‘Laboratorium voor Chemisch en Mikroskopisch Onderzoek’.
In het Politiearchief ligt een dossier over Van Ledden Hulsebosch, dat nu tijdelijk door te bladeren is:
In het ruim 450 pagina's tellend dossier is onder meer documentatie te vinden over zijn formele aanstelling tot wetenschappelijk adviseur. Op 13 januari 1917 bevestigt Van Ledden Hulsebosch deze aanstelling. In diezelfde brief hamert hij op zijn stokpaardje om “ter plaatse van het misdrijf den status quo onveranderd te laten”. Ook in de pers maakt hij van zijn hart geen moordkuil, regelmatig klaagt hij dat “het sporenonderzoek, het werkelijke speuren, ONMOGELIJK GEMAAKT WORDT, zoodra de invasie van het complete recherche-apparaat op de plaats des misdrijfs een feit geworden is”.
In het dossier is veel correspondentie tussen Van Ledden Hulsebosch en de politie. Hij adviseert over de aanschaf van wetenschappelijke instrumenten zoals een “twaalfvoudigen hoefmagneet” om ijzeren voorwerpen uit het water te halen. In mei 1916, als hij nog niet in dienst is bij de politie, schrijft hij een brief naar aanleiding van een krantenbericht over een diefstal met braak in de Jacob van Campenstraat. De inbreker zou de bewoner ‘buiten gevecht’ hebben gesteld door peper in zijn gezicht te werpen. Van Ledden Hulsebosch vraagt zich meteen af: “Tot welke soort behoorde de peper? Was het witte of zwarte? Was de peper vervalscht of zuiver? Ik acht namelijk dat het antwoord ons kan voeren tot hem die de peper afleverde uit zijn magazijn”.
![]() |
In het dossier zijn veel krantenknipsels te vinden, in het bijzonder uit 1937 toen het 35 jaar geleden was dat hij zijn eerste opdracht kreeg |
Op de tentoonstelling zijn uiteraard diverse stukken uit het politiearchief te zien, maar ook prachtige bruiklenen uit de collectie van het Nederlands Politiemuseum. Dit museum beheert de verzameling van Van Ledden Hulsebosch, met als topstuk de glazen pot met vingers van het slachtoffer van een roofmoord uit St. Oedenrode. Nieuwsgierig geworden? Kom vanaf 19 november naar het Stadsarchief Amsterdam.