Laatste Nieuws

Voor tentoonstellingen en evenementen zie ons Programma

VeleHanden: Finish Overgenomen Delen in zicht

Weer een succesvol project door VeleHanden: Nog even en alle Overgenomen Delen zijn Overgenomen! Als de teller op 100% staat zijn maar liefst 239 boeken, vier kasten vol, bladzijde voor bladzijde toegankelijk gemaakt. Alle mensen uit deze boeken — personen die tussen 1892 en 1920 zijn overleden of zijn vertrokken uit Amsterdam en daarom ontbreken in de collectie Gezinskaarten — zijn dan voor iedereen te vinden in de index op de website van het Stadsarchief. Dankzij de donateurs die het digitaliseren mogelijk hebben gemaakt en alle deelnemers van VeleHanden kunnen er met behulp van deze index prachtige archiefvondsten worden gedaan.

En als de eindstreep echt bereikt is? Dan beginnen we natuurlijk vol goede moed aan weer een nieuw en minstens zo nuttig invoerproject!

Wie helpt er mee met de laatste loodjes?

Ongepubliceerd fotoboek van Tylinek in de Beeldbank

Een melkslijter met zijn bakfiets, handel op het Waterlooplein, prostituees die staan te wachten op een klant. Eind jaren vijftig maakte de Tjechische fotograaf Erich Tylínek een serie foto’s van Amsterdammers en Amsterdamse straatgezichten. Onlangs heeft het Stadsarchief een dummie voor een fotoboek met de titel Amsterdammers van Tylínek verworven. Tot een publicatie van het fotoboek is het niet gekomen. Wel zijn de foto's nu te zien in de Beeldbank.

Het Stadsarchief heeft in de loop der jaren ruim 250 albums over Amsterdam verzameld, de albums worden één voor één beschreven en aan de Beeldbank toegevoegd.

Zie ook:

Marens Engelhard, directeur Stadsarchief Amsterdam en Gemeentearchivaris, heeft een nieuwe betrekking.

Na de zomer zal Marens Engelhard vertrekken bij het Stadsarchief Amsterdam. Hij is benoemd tot Algemene Rijksarchivaris en directeur van het Nationaal Archief. Zijn exacte vertrekdatum is nog niet bepaald.

Marens Engelhard begon op 1 juni 2010 als directeur van het Stadsarchief. Daarvoor werkte hij zo’n tien jaar voor Amsterdam als organisatieadviseur en interim manager, als directeur van het Gemeentelijk Pedologisch Instituut en Stadsdeelsecretaris van Osdorp. Hij zal het genoegen missen om overal in de stad op de fiets te komen. Daar staat tegenover dat de opgaven van het Nationaal Archief binnen het Rijk interessant en ambitieus zijn. Het is daarom een aantrekkelijke overstap binnen het vakgebied, in een net zo complexe omgeving als de gemeente Amsterdam. Ook al vertrekt hij dus met enige spijt bij het Stadsarchief Amsterdam, een van de mooiste en grootste stadsarchieven ter wereld, hij blijft als collega verbonden met het archief en de stad.

1914-1918, voedselschaarste en Floor Wibaut

Hoewel Nederland tijdens de Eerste Wereldoorlog de neutraliteit wist te behouden, is er wel lange tijd sprake geweest van grote schaarste van levensmiddelen als gevolg van de oorlog. Vooral in de grote steden werd het voedseltekort steeds nijpender. Om exorbitante prijsstijgingen van levensmiddelen en ondervoeding van mensen tegen te gaan, heeft de Nederlandse overheid diverse maatregelen getroffen. Een eerlijke verdeling van het beschikbare voedsel en gebruiksproducten, evenals het zo zuinig mogelijk omgaan met brandstof golden hierbij als belangrijkste uitgangspunten.

Eén van deze maatregelen was de invoering van de Onteigeningswet. Hierdoor kregen de burgermeesters verregaande bevoegdheden op het gebied van voedseldistributie onder de bevolking van hun stad. De Burgemeester van Amsterdam stelde een Commissie van advies ter voorkoming van vasthouding en prijsopdrijving van waren te Amsterdam, kortweg de Commissie Levensmiddelen, in. Deze commissie werd voorgezeten door de wethouder F. (Floor) M. Wibaut (1859-1936). Deze stukken vormen samen met andere stukken die van hem afkomstig zijn het Archief van F.M. Wibaut: stukken betreffende distributie in de Eerste Wereldoorlog.

Eind 1916 wordt de commissie omgevormd tot de afdeling Levensmiddelen. Hierbij werd Wibaut als wethouder voor de Levensmiddelen aangesteld. Ook werd in 1916 het Distributiebureau opgericht. Dit distributiebureau had tot taak: uitvoering van en het toezicht houden op de naleving van de wetten, de ministeriële beschikkingen en besluiten met betrekking tot de distributie van levensmiddelen, brandstoffen en huishoudelijke artikelen.

Wibaut was verantwoordelijk voor de uitvoering van het beleid ten aanzien van de voedseldistributie onder de Amsterdamse bevolking.
Eén van de maatregelen die in Amsterdam werden genomen was de oprichting van een Centrale Keuken. Deze Centrale Keuken kookte goedkope maaltijden en stelde deze ter beschikking van de bevolking. Naast het feit dat dit bijdroeg aan het streven naar een eerlijke verdeling van het voedsel, bespaarde dit tevens in belangrijk mate op het brandstofverbruik.

Ook werd een bonnensysteem ingevoerd. Wanneer men gebruik wilde maken van een maaltijd uit de Centrale keuken of andere producten kopen in winkels, moest men hiervoor een bon inleveren. Via aankondigingen in de krant of aanplakbiljetten werd de bevolking op de hoogte gesteld van specifieke voedsel- en gebruiksvoorraden die zouden worden gedistribueerd en op welke locatie in de stad de distributie zou plaatsvinden.

Van verschillende stukken uit het archief is dankbaar gebruik gemaakt voor de website Amsterdam en de Eerste Wereldoorlog waar naast de voedselproblematiek nog vele andere facetten van de periode 1914-1918 aan bod komen.

Toen geluk nog gewoon was: Osdorp 1971

Vijftig kleurendia’s van de tuinstad Osdorp in 1971. Ze staan al enige tijd op de Beeldbank, maar zijn toch bijzonder genoeg om nog eens de aandacht op te vestigen. We zien het dagelijkse leven in de jonge nieuwbouwwijk. De winkelstraat met de hengelsportwinkel. De langharige jeugd bij de Osdorper Scholengemeenschap. De blote Hollandse damesbenen onder de minimode. Zelf autospuiten op het grasveldje voor de deur. Het rood-witte wagentje van de versdienst van King Corn (van de legendarische reclame: “Ik ga bij Japie wonen!”).

Broodverkoop aan huis door de ‘King Corn’ versdienst op de Pieter Calandlaan

Opvallend zijn de ruimte en het licht, het vele groen en water, de schone straten met weinig auto’s. De verwezenlijkte droom van de stedenbouwkundigen van Algemeen Uitbreidingsplan en van de voorvechters van een gezonde stad, met goede woningen voor iedereen. In 1971 werd er nog weinig in kleur gefotografeerd – en vaak alleen tijdens de vakantie. Dat maakt deze serie extra bijzonder. Het zijn alledaagse beelden van een alledaagse naoorlogse nieuwbouwwijk. De charme schuilt vooral in het kleine: de kleuren, de kleren en de haren: vertrouwd en eindeloos ver weg. Toen geluk nog gewoon was.

De serie maakte waarschijnlijk deel uit van de tentoonstelling ‘Het land waarop wij wonen’, die van 16 t/m 24 oktober 1971 in Osdorp werd gehouden. In gebouw ‘De Uitweg’ kregen de bezoekers complete geschiedenis van de wijk voorgezet: verleden (in de vorm van oude kaarten), heden en toekomst (in de vorm van maquettes). De dia’s zijn onderdeel van het archief van het Wijkorgaan Osdorp, dat door de oplettendheid van archiefvrijwilliger en Nieuw-West-enthousiast Erik Swierstra nu op het Stadsarchief is ondergebracht.

Urinoirarchief ontsloten

Sommige mensen storen zich er mateloos aan, anderen zijn ze zo gewend dat ze niet eens meer opvallen. Hoe dan ook, de zogenaamde ‘krullen’ zijn inmiddels niet meer uit het Amsterdamse straatbeeld weg te denken. Onlangs is het archief van de Amsterdamse Urinoircommissie ontsloten. Deze commissie heeft tot in de jaren ’80 de verantwoordelijkheid gedragen voor de plaatsing, het onderhoud, of juist verwijdering van urinoirs en andere openbare toiletvoorzieningen in de stad.

'De Pisplank', prototype van een urinoir ontwikkeld door Luud Schimmelpennink.

Kenmerkend voor de commissie is de voortdurende afweging die gemaakt moest worden tussen het wegnemen van overlast door plaatsing van openbare toiletvoorzieningen en de overlast die hierdoor juist werd veroorzaakt. Het gaat dan niet alleen om het wildplassen, dat blijkbaar van alle tijden is. Interessant is juist de link die gelegd kan worden naar maatschappelijke debatten van de jaren ’60 en ’70, zoals homoseksualiteit en feminisme. Hoewel op het eerste gezicht een misschien niet zo aanlokkelijk archief, geeft dit toch een ‘verfrissende’ kijk op iets dat zo typerend is voor Amsterdam.

Urinoirs in de Beeldbank

Nieuw in de Beeldbank: Dansinstituut Oostervink

In 1992 verwierf Stadsarchief Amsterdam een schenking van 142 fotoafdrukken gerelateerd aan het Amsterdamse Dansinstituut Oostervink. Dit gevarieerde materiaal, dat uit de periode tussen 1924 en 1941 dateert, is nu op de Beeldbank te bekijken.

‘Make dancing your ‘Hobby’. But do it in Style!’ Met deze slogan adverteerde Dansinstituut Oostervink keer op keer in maandschrift Het Tooneel. In 1927 nam Jan Hendrik Oostervink (1894-1973) de aan Leidsekade 102 gevestigde dansschool van Willem Anton Bosboom over, die beter bekend stond onder diens artiestennaam Willy Yardaz. Dansen was in die tijd zeer populair als sociaal en sportief tijdverdrijf in Europa en Amerika, met Londen en Parijs als voornaamste trendsetters. Ook in Nederland schoten de scholen als paddenstoelen uit de grond.

‘Speciaal-Onderricht in modern Ballroomdancing volgens de Engelsche School’ benadrukte Oostervink in zijn wervingstekst. Net als zijn collega’s, onder wie zijn Amsterdamse concurrenten James Meyer Fils en Cor Klinkert, probeerde hij zich te onderscheiden door hier het nieuwste van het nieuwste uit het buitenland te introduceren. De zogenaamde modedansen werden niet voor niets zo genoemd: dansen zoals de Foxtrot, de Shimmy en de Black Bottom waren constant aan verandering onderhevig en volgden elkaar in rap tempo op. Dansleraren hamerden op een juiste houding en correcte stijl, waarin zij hun pupillen zowel in privé- als clublessen onderwezen.

Behalve de dansinstituten zelf fungeerden ook openbare gelegenheden zoals dancings, hotels en café-restaurants als locatie voor dansfestijnen – vooral gemaskerde bals waren populair. De meeste Oostervink-foto’s zijn tijdens zulke evenementen door fotopersbureaus opgenomen, bijvoorbeeld in het Trianon aan het Leidseplein, het paviljoen in het Vondelpark en het Muzieklyceum aan het Albert Hahnplantsoen. Slechts enkele portretfoto’s van Oostervink en zijn assistentes of andere elegante dansparen ontstonden in een fotostudio zoals die van de gerenommeerde societyfotograaf Godfried de Groot. Sommige foto’s verschenen als publiciteitsmateriaal in kranten en tijdschriften, bijvoorbeeld in De Telegraaf.

In 1934 wordt Oostervink als eerste in Nederland bevorderd tot de hoogste graad van de Londense Imperial Society of Teachers of Dancing: van member wordt hij fellow. Vanaf dan leidt hij ook dansleraren in spé op. Enkele van een opdracht voorziene afdrukken wijzen uit dat Oostervink contacten onderhield met professionele dansparen en theaterpersoonlijkheden uit binnen- en buitenland. Maar ook de jongste beginnelingen konden bij zijn instituut terecht, zo blijkt uit de opnamen van kinderen die tijdens een les of opvoering op een podium gefotografeerd zijn. Blijkbaar waren er voor hen ook klasjes in andere dansstijlen zoals de ‘nieuwe dans’ (in de volksmond ook wel blotevoetendans genoemd), ritmische gymnastiek, volksdans en ballet. Maar ‘modern Ballroomdancing’ bleef het echte specialisme van Dansinsituut Oostervink.

Tekst: Nicky van Banning, kunsthistorica, doet onderzoek naar dansfotografie uit de periode voor de Tweede Wereldoorlog

Beleid auteursrechten

Het Stadsarchief verwerft foto’s om de beeldgeschiedenis van Amsterdam voor de toekomst te bewaren. En we faciliteren fotografen en rechthebbenden graag zo goed mogelijk bij de exploitatie van hun auteursrechten. Daarom worden er met rechthebbenden afspraken gemaakt over het leveren van reproducties wanneer wij foto’s — of andere type documenten — verwerven waar auteursrechten op rusten. Indien mogelijk verwijzen wij daarvoor naar de fotograaf zodat de Beeldbank van het Stadsarchief fungeert als een etalage die verwijst naar de winkel van de rechthebbende. Als dat niet mogelijk is, bijvoorbeeld omdat de negatieven van de fotograaf zijn overgedragen aan het Stadsarchief, dan kan het Stadsarchief wel reproducties leveren.

Zie voor meer informatie: Beleid auteursrechten.

Index Belgische Vluchtelingen online

In het kader van de schatkamertentoonstelling en themawebsite ‘Amsterdam en de Eerste Wereldoorlog zijn de Verblijfregisters 1914-1918 geïndexeerd op persoonsnaam en herkomstplaats. Hiermee zijn ruim 18.000 personen vindbaar die gedurende de Eerste Wereldoorlog tijdelijk hun toevlucht zochten tot Amsterdam.

In de registers komen niet uitsluitend Belgische vluchtelingen voor, maar ook buitenlandse officieren en Chinese stokers die aan het einde van de Eerste Wereldoorlog gestrand waren in Amsterdam.

De ‘Belgische’ registers maken deel uit van het Bevolkingsregister van Amsterdam. Op termijn zullen ook de andere registers van tijdelijk verblijf aan de index worden toegevoegd.

Zoek in de index
Bekijk de handleiding

Tekenen voor Amsterdam

Een nieuwe opzet van de Commissie voor de Tekeningen

Het Stadsarchief Amsterdam heeft in de loop der tijd prachtige tekeningen verzameld. In de collectie bevinden zich werken van bekende kunstenaars zoals Breitner, Israëls en Mondriaan. Nog steeds wordt de collectie jaarlijks uitgebreid met aankopen en schenkingen.

Commissie voor de Tekeningen in de Beeldbank

De aankopen van de Commissie voor de Tekeningen vormt een belangrijk onderdeel van deze prachtige collectie tekeningen en prenten. In 1934 is deze Commissie geïnstalleerd en heeft vanaf dat moment jaarlijks hedendaagse tekeningen en prenten aangekocht door ingezonden werken te selecteren of opdrachten aan kunstenaars te verstrekken. Het Stadsarchief werkt bij de aankopen samen met het Amsterdams Fonds voor de Kunst (AFK).

Els Scholten, Seranggracht

Zomer 2013 was in het Stadsarchief Amsterdam een selectie uit de aankopen van de Commissie van de afgelopen twintig jaar te zien. Deze tentoonstelling, die een overzicht bood van de breedte van de collectie, vormde een uitgelezen moment om stil te staan bij de vraag hoe we de komende jaren de collectie verder willen uitbreiden en daar nieuw beleid voor te formuleren.

Bij het formuleren van het nieuwe beleid is op velen een beroep gedaan. Op 22 augustus 2013 is met verschillende professionals uit de kunstwereld -kunstenaars, curatoren, critici, conservatoren, journalisten en verzamelaars een debat gevoerd over de toekomst van de Commissie met het onderwerp: Tekenen voor Amsterdam. Doel van de middag was om vanuit diverse invalshoeken visies op het verzamelbeleid voor de kunstwerken op papier te verzamelen, om zodoende de discussie een brede basis te geven. De opkomst was groot en er werd levendig gedebatteerd door de aanwezige experts. De middag bracht interessante standpunten aan het licht PDF (462,4 Kb).

Met de input uit dat debat en op basis van gesprekken die zijn gevoerd met stakeholders, experts en collega’s heeft het Stadsarchief nieuw beleid geformuleerd en aan het Amsterdams Fonds voor de Kunst een voorstel gedaan voor een nieuwe opzet van de Commissie voor de Tekeningen PDF (819,16 Kb). Het Amsterdams Fonds voor de Kunst is akkoord gegaan met dit voorstel en heeft het benodigde budget beschikbaar gesteld. De belangrijkste punten uit het voorstel zijn:

  1. Een eenmalige opdracht aan een stadstekenaar
  2. Jaarlijks worden kunstenaars uitgenodigd een voorstel in te dienen voor één of meerdere tekeningen. Deze voorstellen worden beoordeeld door de Commissie waarna één of meerdere kunstenaars gevraagd wordt het voorstel uit te voeren
  3. Jaarlijks wordt in samenwerking met de kunstopleidingen de Hans Jafféprijs uitgereikt aan een veelbelovende student
In samenwerking met het Amsterdams Fonds voor de Kunst heeft het Stadsarchief een nieuwe Commissie samengesteld Deze Commissie bestaat uit de volgende leden:

Nicolette Bartelink (directeur Museum Jan Cunen en Stadsarchief in Oss), voorzitter
Erik Mattijsen (kunstenaar en docent Gerrit Rietveld Academie)
Femke Dekker (freelance curator en adviseur hedendaagse kunst), adviseur namens het Amsterdams Fonds voor de Kunst
Jeroen Slot (hoofd Bureau Onderzoek & Statistiek van de gemeente Amsterdam)
Ludger Smit (Hoofd Presentatie Stadsarchief Amsterdam)

Het Stadsarchief is bijzonder verheugd met de benoeming van deze leden en heeft er alle vertrouwen in dat deze Commissie een nieuwe impuls kan geven aan de collectie.

Het Stadsarchief dankt alle betrokkenen voor hun enthousiaste inbreng en wenst de nieuwe Commissie de komende jaren veel succes!

Heeft u na het lezen van dit bericht en de notitie nog vragen dan kunt u een mail sturen aan het volgende adres: tekenenvooramsterdam@stadsarchief.amsterdam.nl.

Mattijs van den Bosch, In- en Uitgang Metro Weesperstraat

Met gitaar en mandoline de wijde wereld in

Ter gelegenheid van een optreden in Tanger in 1957.
De Amsterdamse secretaresse Jos de Lange Wendels (1922-2007) kreeg rond 1949 de reiskriebels. Ze was uitgekeken op haar baan en wilde met haar gitaar de wijde wereld in. Ze zette een advertentie in de krant om te kijken of er iemand met haar mee wilde. Verkoopster Robby van der Wal (1924-1980) had daar wel oren naar en reageerde. Niet lang daarna was het duo ‘Robby & Jos’ een feit.

Letterlijk met een paar centen op zak én met een gitaar en mandoline vetrokken ze richting België. De achterblijvers in Amsterdam dachten dat ze na een paar weken terug zouden zijn, maar Robby en Jos bleven tien jaar weg. Het leven werd één groot avontuur.

Jos en Robby in Damascus (Syrië), 1953

De optredens als ‘Robby & Jos’, maar ook als ‘The Dutch Globetrotters’, ‘de Troubadours’, en de ‘Rojo’s’ waren een groot succes en ze deden bijna alle continenten aan: Europa, Afrika, Azië en Zuid- en Noord Amerika en Canada. Ze traden op voor sultans en kaliefs en beleefden veel avonturen.

Muziekconcours op tv en radio op 12 juni 1958 in Caracas (Venezuela).

Fort in Willemstad, 1958

Bordje met aankondiging van een optreden in Venezuela

In 1960 keerden ze terug naar Amsterdam. Jos werd uiteindelijk secretaresse bij de NIVON (Nederlandse Vereniging voor Volksontwikkeling en Natuurvriendenwerk) en Robby begon een praktijk als poppendokter.

Naar verwachting verschijnt medio 2015 een roman over het illustere duo geschreven door Timo van Barneveld en Arnout Janmaat. Werktitel: 'Een glimlach en een lied, het leven van Jos Suikerspin'.

Het Archief van Jos de Lange Wendels heeft een lengte van ongeveer 2 meter bevat onder meer foto's en programma's van hun optredens, geluidsbanden en heel veel brieven van Jos aan haar moeder in Amsterdam, waarin zij hun wereldreis en avonturen tot in details beschrijft.

U bent altijd welkom met vragen over Amsterdamse historie

Afgelopen weekend stond in het kader van de herdenking van 4 en 5 mei. Grote belangstelling was er voor de tijdelijke balie waar Stadsarchief medewerkers Eric Heijselaar en Peter Kroesen hun kennis over de Tweede Wereldoorlog beschikbaar stelden aan het publiek. Zij konden veel bezoekers antwoord geven op hun vraag over hun ouders, buren of anderen in de Tweede Wereldoorlog.

Onze kennis over de Tweede Wereldoorlog en in het algemeen over de geschiedenis van Amsterdam is overigens voor iedereen het hele jaar beschikbaar. In ons Informatiecentrum en aan de balie zijn zes dagen in de week – alleen maandag niet – collega’s beschikbaar die u op weg kunnen helpen met bijna elke vraag over de historie van Amsterdam. Zo bieden de politie dagrapporten een mooie bron om verder te gaan met onderzoek naar wat er zich bij u in de buurt heeft afgespeeld in de periode van de Tweede Wereldoorlog.

Openingstijden

Bommenkaart '40-'45

Stadsarchief Amsterdam maakte in samenwerking met Dienst Ruimtelijke Ordening een Bommenkaart, die inzichtelijk maakt waar en wanneer er in de periode 1940-1945 bommen op Amsterdam zijn gevallen. Op de kaart zijn niet alleen door vliegtuigen afgeworpen bommen te vinden, maar ook neergestorte vliegtuigen, neergekomen luchtafweergranaten, afgeworpen lege benzinetanks etcetera.

De informatie bij de inslagen is afkomstig uit de rapporten van de luchtbeschermingsdienst, de dagrapporten van de politie en brandweerarchieven.

De lijst pretendeert zeker niet volledig te zijn. Van de duizenden bommen die op en rond Amsterdam zijn neergekomen is lang niet altijd terug te vinden waar ze precies zijn terechtgekomen. Door de beknopte verslaglegging is vaak ook niet te herleiden hoeveel bommen er bij een bepaald incident zijn gevallen.

De politie dagrapporten bieden het publiek wel een mooie bron om verder te gaan met onderzoek naar wat er zich bij hun in de buurt heeft afgespeeld in de periode van de Tweede Wereldoorlog. Deze rapporten zijn in te zien in het informatiecentrum van het Stadsarchief aan de Vijzelstraat.

Bommenkaart

Stadsarchief feliciteert Ons Amsterdam

Het tijdschrift Ons Amsterdam bestaat dit jaar 65 jaar. Stadsarchief Amsterdam feliciteert het blad en alle lezers met deze mijlpaal. Met zulke gedegen kennis van de stad elke uitgave weer zo aantrekkelijke blad maken, dat doet niemand Ons Amsterdam na. Het eerste nummer verscheen op 3 januari 1949. Grote aanjager was bezoldigd secretaris Henk van Laar. Deze oud-onderwijzer had zijn sporen verdient in diverse functies, organiseerde tentoonstellingen en excursies en bracht brochures uit. Maar als je een groot publiek wilde bereiken had je een eigen blad nodig, besefte Van Laar. Begin 1948 gaf B&W groen licht. Die betrokkenheid van B&W was niet verwonderlijk, het baarde de stad zorgen dat de bewoners van de razendsnel uitdijende hoofdstad zich steeds minder voor hun stad interesseerden. Na de bevrijding was er een nieuw motief om de band tussen stad en bewoners te versterken: Amsterdam lag in puin en bij de wederopbouw kon de gemeente begrip van de bevolking goed gebruiken.

Ons Amsterdam

Kado

Natuurlijk geen verjaardag zonder kado. Bestaande abonnees mogen gratis naar onze tentoonstelling Heineken's Amsterdam. Alle nieuwe abonnees krijgen een toegangskaartje voor een van de tentoonstellingen in het Stadsarchief in 2014.

En we bieden u mooie tentoonstellingen, op 6 juni openen we Amsterdam! van Ed van der Elsken, een fototentoonstelling waarin zijn mooiste fotowerk van Amsterdam in de jaren 50, 60 en 70 is verzameld. Rond dezelfde tijd verschijnt op gelijknamige boek bij uitgeverij Bas Lubberhuizen en Top Notch, in samenwerking met Lecturis. Later dit jaar, vanaf 10 oktober, vindt u in ons gebouw Breitner schetst Amsterdam. Voor deze tentoonstelling is onderzoek gedaan naar de schetsen van Breitner in samenwerking met het Rijksmuseum.

Laatst bijgewerkt op 21 aug 2014

Nieuwsarchief